In-Druk: Erfenis van Billy Graham

Het overlijden van de Amerikaanse evangelist Billy Graham (onlangs, op 99-jarige leeftijd) kreeg ook in Nederland veel aandacht. Het viel mij op hoe welwillend hij – ook in de niet-christelijke pers – werd geportretteerd. In heel zijn lange carrière geen financiële of amoureuze schandalen. Hij was een evangelist in de methodistische traditie, die in Nederland aanvankelijk via het Leger des Heils voet aan de grond kreeg. Een bewogen prediking en de uitnodiging voor Christus te kiezen. De evangelisch/piëtistische traditie waaruit hij voort kwam was wel sociaal bewogen, maar geloven was toch allereerst een zaak tussen God en de enkeling.

Dat Graham later in zijn bediening een soort ‘tweede bekering’ kende, is in Nederland minder bekend. In 1979 publiceerde het opinieweekblad Hervormd Nederland een interview met hem, dat een deel van zijn conservatieve achterban voorgoed van hem vervreemde. Hij zei: ‘Sinds de strijd tegen de slavenhandel zijn veel christenen in Amerika hun verantwoordelijkheid voor het bestrijden van het sociale kwaad uit het oog verloren. Ik denk dat christenen hun sociale betrokkenheid aan het herwinnen zijn, omdat ze inzien dat het God om de gehele mens gaat. We moeten aan de weet komen wat de Bijbel zegt over onze prioriteiten, onze levensstijl en onze taak in de wereld.’

Grahams opstelling tegen de kernwapens wordt beïnvloed door een bezoek dat hij in 1978 aan Auschwitz brengt. Alhoewel hij geen voorstander is van eenzijdige ontwapening, noemt hij de reusachtige uitgaven voor wapens ‘dwaas en krankzinnig’. Graham: ‘Volgens mij heeft president Truman een fout begaan door de eerste atoombom te gooien. Hadden wij hem maar nooit gebouwd.’
Fundamentalistische voorgangers zagen het als een bevestiging van hun stelling dat Graham het evangelie verwaterde door met vrijzinnige kerken samen te werken. Als Graham in 1986 evangelisten uit het Oostblok naar de Amsterdamse RAI nodigt voor een conferentie, schelden ze hem uit voor een ‘lieveling van de Russen’.
‘Moskou heeft hem ingepast in hun strategie om het Westen te verzwakken.’
In 1979, nog vóór het interview in Hervormd Nederland, is Graham geïnteresseerd in het idee om een wereldconferentie van christelijke kerken voor ontwapening bijeen te roepen. Bisschop Toth van de Praagse Vredesconferentie wilde dat de ‘Jesaja Conferentie’ noemen.

Graham en zijn organisatie is ook initiatiefnemer en medefinancier van de ‘Lausannebeweging’. Een soort ‘Evangelical supernetwerk’ met wereldevangelisatie als hoofddoel. Maar binnen deze beweging zijn het vooral christenen uit de Derde Wereld die aandacht vragen voor vragen van vrede en gerechtigheid. In 1974 komen 2.700 gelovigen in Lausanne bij elkaar. Vierhonderd daarvan, voornamelijk Afrikanen en Aziaten, doen een oproep aan hun medeconferentiegangers om te werken aan de strijd tegen honger en de nationale oorlogs- en geweldsziekte.

Wijlen professor Berkhof zei in die periode dat de evangelischen de Wereldraad van Kerken wel eens links konden gaan inhalen. Maar waarom ‘inhalen’ als samenwerken meer resultaat oplevert? In de Nederlandse Michabeweging werken evangelische organisaties en Kerk in Actie van de Protestantse kerk zusterlijk samen om deze wereld schoner en rechtvaardiger te maken.
De methodist Billy Graham waagde het van mening te veranderen. Door zich opnieuw te bekeren, bleef hij anderen inspireren.

Rob van Essen

Deel dit artikel