Archief
Jaargang:

Afscheid bisschop Ad van Luyn: 'Nuchter en bekwaam'

Door Ton H.M.van Schaik
Gepubliceerd mei 2011, jaargang 14, nr. 136

achtergrond Ad van Luyn, de bisschop van Rotterdam, heeft afscheid genomen. Hij is vijfenzeventig jaar. Hij was ook bisschop van de Haagse rooms-katholieken, die goede herinneringen aan hem bewaren. Kerkhistoricus Ton van Schaik schetst het tijdperk-Van Luyn.

Ad van Luyn was van 1993 tot 2011 bisschop.

Ad van Luyn was van 1993 tot 2011 bisschop.

Adrianus van Luyn heeft afscheid genomen als vierde bisschop van Rotterdam, een functie die hij achttien jaar bekleedde. De schrijver van deze regels kent de emeritus vanaf september 1954, toen de piepjonge salesiaan vers uit het noviciaat staatsexamen gymnasium alfa ging doen, een opdracht waarvan hij zich nuchter en competent kweet en waarvoor hij het jaar erop slaagde. Voor de studie theologie ging hij naar Turijn en zijn priesterwijding in 1964 betekende de start van een snelle loopbaan in de Nederlandse provincie van de salesianen: hij werd er eerst vice-provinciaal en later provinciaal (1969-1974).
Ook daarvoor was hij al nauw bij het bestuur betrokken, zodat hij elke medebroeder kende. Ook de jongste, van wie hij gedurende enkele jaren de begeleider was in Nijmegen, waar hij bovendien zelf afstudeerde in de theologie. Toen hij door het centrale bestuur van zijn orde naar Rome werd geroepen was dat geen onderbreking van zijn betrokkenheid bij Nederland. Hij maakte bijvoorbeeld intensief kennis met de vaderlandse kerk toen hij deelnam aan de Bijzondere Synode van januari 1980 (Rome, voorzitter paus JP II). De implementering ervan leidde een nieuwe fase in zijn leven in. Zo werd hij gespot als secretaris-generaal van de r.k. Kerkprovincie en al twee jaar later als bisschop van Rotterdam na het overhaaste vertrek van zijn voorganger Bär, voorjaar 1993.

Internationale contacten 
In het Rotterdamse diocees is onder Van Luyns leiding het onvermijdelijke proces van fusies en schaalvergroting, waarbij per definitie niemand helemaal tevreden is, tot een goed einde gebracht. En dat met minder rumoer dan in andere bisdommen is vertoond. De integratie van het Diocesaan Pastoraal Centrum (DPC) in het bisdom – er bestond tussen beide geen gemakkelijke relatie – is een ander wapenfeit van zijn bestuursperiode. Als voorzitter van de Bisschoppenconferentie – niet zonder meer een harmonieus gezelschap – was hij wat meer manager van de vergadering dan kardinaal Simonis was, maar ten slotte viel daar, bij steeds minder overeenstemming over steeds meer problemen, weinig eer meer te behalen.

Veel meer lag zijn hart bij het referentschap voor de relatie met het jodendom, met als resultaat de jaarlijkse ‘Dag van het Jodendom’. Ook voor Pax Christi Nederland deed hij zijn werk met verve, hetgeen steeds meer oecumenische en internationale contacten met zich meebracht. Dat laatste was zeker het geval in Europa, waar hij voorzitter was van de Comece, de commissie van de bisschoppenconferenties van de Europese Unie.
Bij dat alles hebben zijn gerichtheid op de jeugd en zijn internationale ervaring als salesiaan een rol gespeeld. Hagenaars roemen zijn inzet voor zwerfjongeren en zijn betrokkenheid bij Taizé. Daar kwam een persoonlijk talent als netwerker bij: bisschop Van Luyn is een vriendelijke man die gemakkelijk contacten legt. Een goede relatie met kroonprins Willem-Alexander en prinses Máxima, beiden bij zijn afscheid aanwezig, is er een van de vruchten van.

Glansoptreden
Een bisschop is juridisch geen lid meer van een religieuze orde of congregatie, Toch zal de recente confrontatie met het Nederlandse salesiaanse verleden – het seksueel misbruik van jongeren – en de communicatie erover van die zijde meer dan eens tot plaatsvervangende schaamte hebben geleid. Zelf hield hij alle vragen erover af, wat formeel juist maar sociaal onhandig was. Het heeft de laatste periode van zijn bestuur de zaken bepaald niet gemakkelijker gemaakt. Evenmin als tragische gebeurtenissen in zijn familie, die iedereen kunnen overkomen als hij tijd van leven heeft.
Een glansoptreden was zijn voorgaan bij de uitvaart van die merkwaardige Rotterdamse katholiek Pim Fortuyn in 2002. Aanvankelijk was de aandacht nog gericht op de twee precieuze hondjes die de kathedraal werden binnengeleid, maar al spoedig waren de mensen meer geboeid door de stijlvolle liturgie en door de preek van de bisschop, die geen heiligverklaring was noch een verguizing, maar een bijbels verhaal over de taak van een politicus: het dienen van ‘de minsten der zijnen’.

De eenmalige gedoogconstructie voor een opzienbarend burgerlijk partnerschap van een prominente priester in zijn bisdom was het juridisch correcte resultaat van een taai overleg waarmee beide partijen vrede konden hebben. Van Luyn was er altijd op bedacht de scherpe kanten van een conflict zoveel mogelijk af te slijpen.

Duidelijke keuzes
De bisschop had dan wel een academische vorming, hij bleef een man van de praktijk. Hij was een bestuurder die niet om loftuitingen verlegen zat, maar wel duidelijke keuzes maakte. Een wat soepeler relatie met de media had daarbij zeker geholpen, maar de bisschop is nu eenmaal wat stroef in zijn publieke optredens en reageren voor de camera’s is bepaald niet zijn hobby.
Ad van Luyn heeft, trouw aan zijn bisschopsmotto, in een moeilijke periode zijn ‘deel voor het evangelie gedragen’. Als kenner van het bijbelse Emmausverhaal heeft hij daarin zowel het hartverwarmende van de ontmoeting met de Verrezene ervaren als de zorgelijke situatie waarover de beide leerlingen onderweg ‘met sombere gezichten’ discussieerden.

| |