Bidden tegen sterven
Door Rob van Essen
Gepubliceerd juli 2011, jaargang 14, nr. 137
Lampedusa, voor tallozen buiten Europa de poort naar het paradijs. Het eiland waar duizenden vluchtelingen en gelukzoekers aan land komen (als de wrakke boten onderweg niet zinken). Maar achter die poort ligt voor de meesten de grauwe werkelijkheid van dakloosheid, bedelarij en misdaad.
Toen we dit voorjaar in Napels waren, zagen we hoe het straatbeeld door de ‘gelukzoekers’ bepaald wordt. Zuid-Italië is toch al geen gebied waar werkgelegenheid ruim voorhanden is. Kansloze jongeren werken voor de plaatselijke Camorra als drugskoeriers of loopjongens om plaatselijke middenstanders af te persen. Ook de Afrikaanse immigranten moeten leven. In trein en metro komen in vodden geklede mannen en vrouwen bedelen bij de reizigers. Een zwarte vrouw, kind op de arm, richt zich in een monoloog over haar trieste toestand tot de aanwezigen. Iedereen kijkt meer of minder gegeneerd van haar weg en niemand geeft iets. Wij ook niet, want waar begin en eindig je? In de coupé naast ons zitten zo’n acht zwarte mannen druk te praten in een Afrikaanse (?) taal. Als een eiland van armoede denderen ze langs perronnetjes met namen als ‘Torre Annunziata’ en ‘Ercolano’. Tussen de luid sprekende en gesticulerende mannen zit een lotgenoot zwijgend voor zich uit te kijken. Denkt hij aan het dorp dat hij achterliet of aan de vrienden die verdronken op weg naar het beloofde land?
Als wij in Pompei uitstappen rijdt de trein verder. Nou ja, verder is betrekkelijk, want het is een ringlijn – ‘Circumvesuviano’ – en komt steeds weer in Napels terug. ‘Napels zien en dan sterven’, wordt er wel gezegd. Ik heb dat nooit zo goed begrepen, want er zijn legio steden waar in dat geval mijn voorkeur naar zou uitgaan. Voor de talloze Afrikaanse drenkelingen kan ik mij voorstellen dat ze sterven van heimwee. In een volle trein toch alleen zijn. Een taal spreken die klinkt als muziek, maar die tegelijk angst en weerstand in de omgeving oproept. Net als ieder ander van jouw leeftijd aan je toekomst willen werken, maar vastgelopen in de cirkelgang van vreemdelingschap en illegaliteit. Eeuwen lang hebben Europeanen geluk gezocht in verre continenten of daar koloniaal landje pik gespeeld. Een verleden waar we rijk van werden: de VOC-mentaliteit! Maar als zulke ondernemende mannen deze kant op komen verklaren we geluk zoeken/zoekers illegaal.
Napels zien en dan sterven, het tegenbeeld van de bijbelse toekomstverwachting. Bij de profeten is er het visioen van een stad waar mensen bevrijd worden uit de spiralen van vervreemding en armoede. De volkeren zullen naar Jeruzalem trekken om de vrede te leren, de zwaarden om te smeden tot ploegscharen. Niet langer verteerd worden door heimwee, maar vervuld worden van nieuwe hoop. In het nieuwe seizoen wordt in onze kerken weer de tafel van samen delen aangericht. ‘Ik geloof niet’, zei een catechisant, ‘maar als ik voor mijn eten bid denk ik even aan de mensen die zoveel minder hebben dan wij.’
Bidden en je bewust zijn van je rijkdom – goed om de komende zomermaanden over na te denken.




Sociale media
Follow @KerkDenHaag