De inspiratie van Obama en Balkenende
‘Bron van hoop’ of ‘lef en hard werken’
Door Henk Nusselder
Gepubliceerd december 2008, jaargang 12, nr. 111
Opinie Barack Obama en Jan-Peter Balkenende zijn beiden regeringsleiders die zich met overtuiging ‘christelijk’ noemen. Twee gelovige mannen, allebei geïnspireerd door Jezus.
Christelijke politiek bestaat niet, wordt gezegd. Wel politiek waarin christenen hun geloofsovertuiging laten meespreken.
Ik denk, dat dat juist is. Maar christenen – trouwens ook anderen – kunnen als ze over hun idealen spreken vaak veel mensen daarvoor enthousiast maken. Ik denk aan Willem Aantjes, die in 1975 met zijn beroemde ‘bergrede’ velen het gevoel gaf: dat is het.
Datzelfde zien we bij Barack Obama, Amerika’s nieuwe president. Met zijn religieus geïnspireerde toespraken wist hij een impuls van hoop en verwachting te geven aan een land, waar het hopeloos mis leek te gaan. In bijna bijbelse taal sprak hij over hongerigen voeden, daklozen huisvesten, onverzekerden medische zorg geven, jongeren scholen, aidsproblematiek aanpakken. Mensen hebben het begrepen: zo’n christelijke overtuiging biedt perspectief.
Twee jaar geleden vertelde Obama in een lezing over de manier waarop de zwarte kerken van Amerika van hem een overtuigd christen hadden gemaakt. Hij zei: ‘Dankzij hun strijd in het verleden voor mensenrechten, was ik in staat om het geloof anders te zien dan alleen maar een vervelend soort vertroosting, of een middel om de dood buiten de deur te houden. Ik zie het geloof als een actieve, tastbare kracht in de wereld. Als een bron van hoop.’
Vooral naastenliefde
Hoe zit dat in ons land, vraag je je dan af, met politici die zich voor hun christen-zijn niet schamen. Neem minister-president Jan Peter Balkenende. In het tv-programma ‘Hour of power’ zei hij: ‘Zonder geloof kun je niet functioneren’. Hij zei dat hij veel kracht put uit het geloof; en dat Jezus voor hem een bron van inspiratie is, een kompas, waardoor je bergen kunt verzetten. Het gaat vooral om naastenliefde.
Hij blijkt dan zeer begaan te zijn met slachtoffers van zinloos geweld, waarbij christelijke normen en waarden met voeten worden getreden. Hij kan er niet zo goed tegen, als altijd maar weer gevraagd wordt, wat de regering aan allerlei misstanden doet. Hij heeft dan de neiging een tegenvraag te stellen: ‘Wat doe je er zelf aan?’ Grote bewondering en waardering heeft hij voor mantelzorgers, die dag en nacht voor mensen klaar staan. Er gaat gelukkig ook zo veel goed in onze samenleving.
Natuurlijk heeft hij gelijk. Maar wat heeft hij in het halve uur waarin hij zijn zegje mocht doen, niet gezegd? Geen woord over de groter wordende kloof tussen armen en rijken; het grote aantal mensen met minimale inkomens, dat de touwtjes niet meer aan elkaar kan knopen en langzaam wegglijdt in een uitzichtloze apathie; en dat in een samenleving, waar anderen zich steeds meer luxe kunnen permitteren. Jammer, dat ik bij hem ook nergens anders aandacht daarvoor ben tegengekomen.
Philips en Albert Heijn
Op internet, waar je op meer dan 2.000.000 plaatsen iets over Balkenende vindt, las ik een redevoering die hij in 2005 heeft gehouden op een Bilderbergconferentie, getiteld: ‘Op eigen kracht; van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij’. Ook daarin zegt hij waardevolle dingen: eigen verantwoordelijkheid nemen, mensen moeten het zelf doen, mensen moeten weer aan het werk (‘werkloosheid’ moet worden ‘in between jobs’).
Dat is mooi voor mensen met kracht, die begiftigd zijn met talenten als intellect en doorzettingsvermogen. Maar er zijn er ook mensen die dat niet hebben; zelfs een groeiende groep, is mijn indruk. Niet omdat ze te beroerd zijn om de handen uit de mouwen te steken – die zijn er natuurlijk ook – maar omdat de wereld steeds ingewikkelder wordt en ze het tempo niet meer kunnen bijbenen. Zij zijn niet tot participatie te dwingen door in de voorzieningen te snijden.
Een stokpaardje van onze minister-president is de nadruk die hij regelmatig legt op een ‘nieuw arbeidsethos’. In een redevoering voor de Universiteit van Wageningen is hij vol lof over wat daar gepresteerd wordt, en ook over wat Nederlanders in het verleden presteerden: Huygens, Boerhaave, Leeghwater, Philips, Albert Heijn. ‘Doorzettingsvermogen, lef en hard werken hebben Nederland opgebouwd’.
We staan op de achtste positie van de Global Competiteveness Index (GCI), maar we moeten streven naar de vijfde plaats. ‘Goed is niet goed; je moet de beste willen zijn.’ Van een zesjescultuur gruwt hij.
Auto met chauffeur
Maar nergens kom ik bij Balkenende het begrip maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo) tegen. Wat wil hij met al die bedrijvigheid bereiken? Het is net een auto die je vol gooit met brandstof, maar op de chauffeur komt het niet zo aan. Of is het niet de bedoeling dat er gestuurd wordt?
‘We willen geen Verenigde Staten worden’, zei hij aan het slot van zijn Bilderbergbetoog. U weet wel: een sterke economie, maar met veel armoede als keerzijde. Nee, die Verenigde Staten wil hij niet.
Gelukkig. Maar welke dan wel? Misschien moet hij binnenkort eens bij president Obama op bezoek.





Sociale media
Follow @KerkDenHaag