Discussie christendom en islam: ‘De Almachtige is wel de ware, maar wij niet’
Door Frans J. Wüst
Gepubliceerd februari 2011, jaargang 14, nr. 133
Opinie Te lang ben ik met liefde werkende geweest in Den Haag, om niet te reageren als me dat uitkomt. Bijbel en Koran, u vraagt erom, maar de oproep daagde me ook uit. Is de christelijke God een ander dan Allah? Ja, wordt er nogal duidelijk gesteld, door gerespecteerde mensen.
El Shaddai en Allah: de hebraïst ziet en hoort de verwantschap. Het uit het heidendom afkomstige God of Deus, klinkt voldoende verschillend. Maar de Bijbel legt El Shaddai en Allah naast elkaar.
Islam en Israël zijn, mirabile dictu, minstens broertjes van elkaar, beide wijzen naar Abraham als vader. Dat ze elkaar bijna dood slaan.., zo gaat dat tussen broers, meer nog dan tussen wildvreemden. Wij christenen mogen slechts bescheiden aan de kant mee denken. Maar is de christelijke God van de Biblebelt dezelfde als de God van de stadse christen? De God van de Scheveninger dezelfde als de God van de Kloosterkerk? Het gaat wel om dezelfde hoogheilige, maar wij zijn de verdeelden, het beeld dat wij van God maken.
Tegen het einde van het artikel in KDH waarin om reacties wordt gevraagd, wordt gezegd dat het in de islam gaat om macht en onderdrukking. Ik ben nog steeds fervent lid van de Romana; daar weten we/ze van macht en onderdrukking, inquisitie etc., niet alleen bij de islam. Maar er kwam in Nederland een moment, dat de rooms-katholieken het onderspit moesten delven; was toen de Reformata de lankmoedige kerk? Nee, zelfs de remonstranten moesten dat erkennen als slachtoffer. Overal waar kerken en religies fervent worden, treedt dat verlangen naar macht op. Ook bij de islam.
Deo gratias, we spreken met elkaar, christenen van diverse nominaties. We willen van elkaar leren. Want de Almachtige is wel de ware, maar wij niet. Wij allen zijn zoekende, moeten zoekenden zijn. De ene christen kan leren van de ander.
Indertijd ontstond in Den Haag de Raad van Levensbeschouwingen en Religies. Om de omgang met elkaar goed te laten zijn, maar ook om van elkaar te leren. Ook de hindoes deden mee, boeddhisten waren er te weinig. Wel deden de humanisten ook mee, meest als meezoekenden. Zij in hun agnosticisme leerden ons dat wij het ook niet precies weten. De paus wordt het verwijt gemaakt dat ze hem onfeilbaarheid toeschrijven, maar wij doen dat even hard over onze eigen denkrichting, rooms, protestants enzovoort.
Bijbel en Koran vertellen verschillende verhalen. Maar de Almachtige is met zijn/haar wijsheid met ons allemaal, allemaal zonder uitzondering, bezig. Daarom komen we bij elkaar, Gode zij dank. Ik denk wel eens dat de Almachtige al zijn gaven ook uitstort in de Dalai Lama, een kind naar Gods hart, meer dan wie ook van ons, en dat de Eeuwige in een verloren ogenblik wel eens verzucht: waren ze allemaal zo als die wijze man daar in India.
Frans J. Wüst,
Voorhout




Sociale media
Follow @KerkDenHaag