Archief
Jaargang:

Feministisch fundamentalisme

Door Hanneke Gelderblom-Lankhout
Gepubliceerd januari 2012, jaargang 15, nr. 142

Gelderblom

Toen ik in 1970 tot gemeenteraadslid in Den Haag werd gekozen, werd mij vóór de beëdiging gevraagd hoe ik in de stukken wilde worden opgenomen, met mijn meisjesnaam of niet. Er waren toen nog maar weinig vrouwen politiek actief. Van hen was een groot deel niet getrouwd. Een baan, zelfs een deeltijdbaan, combineren met het hebben van kinderen, was tamelijk ongebruikelijk. Crèches moesten nog worden uitgevonden en wij hadden twee jonge zonen. Het niet aan te vechten ontslag als onderwijzeres of gemeenteambtenaar op de dag nadat je trouwde was nog niet eens zo lang geleden afgeschaft.
Onder degenen die wel getrouwd waren was het vrij gewoon om de naam van je man aan je meisjesnaam te koppelen. Zo ging ik de publiciteit in als Hanneke Gelderblom-Lankhout. Zowel mijn man – een landelijk redelijk bekend architect – als ik kregen in de loop der jaren meerdere malen de vraag voorgelegd of we soms familie waren van die andere bekende Gelderblom. Ons standaard-antwoord was: nee, geen familie, maar we komen elkaar gelukkig regelmatig ook in de slaapkamer tegen.

 

Bij de eerste feministische golf werd het gewoonte je niet langer van je mans naam te voorzien, maar alleen je eigen meisjesnaam te gebruiken. Anders was je zogenaamd niet geëmancipeerd. Ik heb me echter altijd thuis gevoeld bij een bekende schrijfster uit die tijd – Cri Stelweg – die geheel tegen de heersende mode in schreef: ‘Ja, en ik ga lekker met mijn onderdrukker naar bed.’
Geëmancipeerde vrouwen hadden dus een keuzemogelijkheid. Omdat ik nu eenmaal gekozen had voor de gekoppelde naam heb ik dat altijd zo willen houden, bijvoorbeeld op stembiljetten en andere officiële papieren. Doorgaan als Hanneke Lankhout voelde alsof ik ineens gescheiden was.

 

Op het paspoort bleek de koppeling al moeilijk te worden, maar na enig doorzetten was men bereid er Lankhout e/v Gelderblom van te maken (e/v is de afkorting van ‘echtgenote van’). Dit bleek soms aanzienlijke problemen te geven bij bezoek aan het buitenland. Zeker bij een verkiezingswaarneming in Oost Europa, omdat de naam in het visum niet identiek was aan wat er in het paspoort stond. Altijd word ik er bij de douane uitgehaald om uit te leggen hoe wij dat in Nederland nu eenmaal geregeld hebben.
Maar zelfs deze mogelijkheid lijkt nu meer en meer te worden afgeschaft. Onlangs kreeg ik mijn nieuwe rijkspas waarmee ik als oud-lid van de Eerste Kamer toegang houd tot het Kamergebouw. En wat staat erop? Hanneke Lankhout. Gelderblom is geheel verdwenen.

 

Ik weet niet wie deze wet heeft doorgevoerd, maar het voelt als feministisch fundamentalisme dat ik niet meer mag kiezen hoe ik wil heten, en niet langer in de papieren kan staan zoals ik mijzelf altijd heb genoemd.
 

| |