Geestelijke verzorging Saffier en Parnassia: 'Hoeveel plek is er voor "heel de mens"?'
Door Marieke van der Giessen-van Velzen
Gepubliceerd februari 2011, jaargang 14, nr. 133
interview Bezuinigingen in instellingen drijft ook zielzorgers tot uren tellen en woekeren met minuten. Ruimte voor spontane bezoekjes is er mondjesmaat tot minimaal. Twee voorbeelden: Stichting Saffier en Parnassia.
Ds. Yvonne Schoonhoven heeft de twee verzorgingshuizen Swanesteyn en Loosduinen van Stichting Saffier onder haar hoede en maakt deel uit van een vijfkoppig protestants team. Hoe is de zielzorg hier geregeld? ‘We hebben te maken met zogeheten zorgzwaartepakketten. Waar vroeger de instelling een zak met geld kreeg voor zo-en-zoveel bewoners, wordt nu op een schaal van 1 tot 10 afgemeten hoeveel zorg – lees: tijd plus geld – iemand nodig heeft. Gelukkig is geestelijke verzorging daar (nog) niet bij ondergebracht. Maar het kleurt zeker de hele manier van omgaan met de beschikbare tijd, zorg en aandacht.
Toen ik begon, zevenenhalf jaar geleden, wilde ik iedere bewoner jaarlijks een bezoekje te brengen, rond hun verjaardag. Dat bleek helemaal niet te doen: 28 uur voor 250 mensen, hoe kun je nu ooit al die mensen “in de gaten” houden?’
Het kan haar plezier in het werk soms behoorlijk vergallen. ‘Ik houd een gevoel van tekortschieten, dat is vervelend.’
Sterfbed
‘Vooropgesteld, Saffier is een organisatie die waarde hecht aan geestelijke verzorging. Zaken zijn bespreekbaar met het management, al is er verschil van opvatting: “Geen tijd voor bezoekjes? Dan moet je andere dingen maar wat minder doen.” Ik heb bijvoorbeeld het afgelopen jaar geen uitvaarten gedaan. Maar dat bevalt me allerminst. Ik heb intensief contact aan het sterfbed, en dan moet iemand anders de uitvaart leiden. Dit zal ik dus zeker weer aan de orde stellen.’
Hetzelfde geldt voor minder voorgaan in de kerkdiensten. ‘Gastvoorgangers, prima, maar zij kunnen in verkondiging of voorbede niet aanhaken bij wat er zich in de week heeft voorgedaan. Het is juist de meerwaarde van een geestelijk verzorger in een instelling dat je die verbinding kunt maken.’
In botsing
Ds. Mineke Kroes, enige protestant in een team van acht geestelijk verzorgers, is ingezet op de klinische afdeling van de Parnassia Bavogroep voor geestelijke gezondheidszorg. ‘Geestelijke verzorging zit er als overhead op zich nog wel goed bij, maar ik vraag me steeds vaker af hoeveel plek er nog is voor “heel de mens”. Ik werk op aanvraag. De organisatie is veel te groot, er is geen tijd voor spontane bezoekjes. Met het verantwoorden van je tijd, je uren schrijven, kom ik in botsing. Ik kan er slecht tegen dat ik aandacht in een bepaald tijdsbestek moet passen.’
Meedenken met beleid zou mooi zijn, maar de formatie staat geen ruimte toe. ‘Toen ik begin 2006 aantrad met 24 uur volgde ik twee fulltimers op. Ik behoor tot de Zorgservice binnen Parnassia, wij leveren diensten aan andere disciplines. En ook zorgbedrijven gaan rekenen.’ Dat klant-leverancierprincipe met bijbehorende marktwerking, daar wil Kroes niet aan. ‘Ik wil niemand de zwartepiet toespelen, maar past dit wel bij geestelijke zorg? Willen wij in dat spel meegaan? Is dat de beste manier om ons vak uit te oefenen?’
Op zoek naar zin
‘We hebben geen hulpverlenend beroep, we vallen niet onder dienstverlening. We zijn niet georiënteerd op gebrek, medisch mankement of gedrag. We spreken mensen aan op wie ze zijn, hoe ze staan in het leven, het hele plaatje. Dat maakt ons vak uniek. Samen met de mensen zijn we op zoek naar de zin van hun leven.’
Zie ook: Bezieling in het ziekenhuis




Sociale media
Follow @KerkDenHaag