Godsdienstvrijheid, een belangrijk grondrecht
Door Hanneke Gelderblom-Lankhout
Gepubliceerd juli 2011, jaargang 14, nr. 137
Godsdienstvrijheid, de vrijheid van meningsuiting en het verbod te discrimineren zijn belangrijke grondrechten. Het zijn rechten die in internationale verdragen en in veel landen ook in wetten zijn vastgelegd.
In Nederland in de Grondwet. Maar in de Grondwet staat niet dat het ene recht van een hogere orde is dan het andere.
Er is een voortdurend spanningsveld tussen verschillende (grond)rechten.
Velen vinden bijvoorbeeld het dreigende verbod op ritueel slachten op gespannen voet staan met vrijheid om zijn of haar godsdienst vrij te belijden, omdat het recht op dierenwelzijn – geen grondrecht overigens – zwaarder zou wegen.
In 1964 was een deel van christelijk Nederland woedend toen op 4 januari in het televisieprogramma ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer‘ een persiflage op de Tien Geboden en het Onze Vader werd uitgezonden. Smalende godslastering! Als we dat programma nu terugzien, kunnen we ons de ophef van toen nauwelijks nog voorstellen. Dat laat zien dat niet voor eeuwig vastligt of iets als beledigend voor aanhangers van een bepaalde godsdienst wordt gezien.
In een democratie is het niet de staat maar de onafhankelijke rechter die beslist of iemand die zich in het openbaar uitlaat anderen opzettelijk beledigt in zijn of haar godsdienst of levensovertuiging, ofwel haat zaait tegen mensen wegens hun godsdienst of levensovertuiging.
Het proces tegen PVV-voorman Wilders, die de islam een kwalijke ideologie vindt, is daar het meest recente voorbeeld van.
De Nederlandse rechter is meestal terughoudend, zeker als het gaat om een satirische column of een cartoon. Dat is ook geheel in lijn met de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Opzettelijk beledigen is nu eenmaal wat anders dan een mening uiten die voor mensen met een andere mening of een ander geloof minder aangenaam is, en die zij daarom soms al gauw beledigend vinden.
Niet in alle landen is men echter zo ruim van opvatting over de vrijheid van godsdienst in relatie tot andere rechten.
De Deense cartoons die enkele jaren geleden de gemoederen bezig hielden en waarvan wij in Europa vinden dat deze onder de vrijheid van meningsuiting vallen, worden in bijna alle islamitische landen als opzettelijk beledigend en daarom als ongepast beschouwd.
Gelukkig is in Nederland slechts het opzettelijk beledigen van mensen wegens hun godsdienst of levensovertuiging strafbaar is gesteld.
Je kunt alleen mensen beledigen; niet een godsdienst.
Was dat maar zo in alle landen.
Hanneke Gelderblom nieuwe columniste Kerk in Den Haag
Hanneke Gelderblom schrijft voortaan een maandelijkse column voor Kerk in Den Haag.
Zij is voor D66 lid geweest van de Eerste Kamer en van de Haagse gemeenteraad. Zij is lid van de Liberale Joodse Gemeente van Den Haag en secretaris van de werkgroep van de Haagse Gemeenschap van Kerken die de jaarlijkse Jom Hashoa-herdenking, ter herinnering aan de vermoorde joden in de Tweede Wereldoorlog, organiseert.




Sociale media
Follow @KerkDenHaag