Archief
Jaargang:

Hulp

Door Paul Makken
Gepubliceerd februari 2011, jaargang 14, nr. 133

Vondst

Jaren geleden reisde een vriend van me naar India omdat hij ontwikkelingswerker wilde worden. Hij was getuige van taferelen die ook bekend zijn van documentaires: mensen die creperen op straat. Daar ben je natuurlijk nooit goed op voorbereid, maar hij had zich toch mentaal schrap gezet tegen dit soort beelden.

De klap kwam uit een heel andere hoek. Om toch even bij te komen, nam hij een drankje in een café aan een grote haven. Toen zag hij een majestueus vliegdekschip langzaam binnenvaren. Het was niet een Amerikaanse of Russische boot, het was een schip van de Indiase marine. In één ogenblik verdwenen zijn ambities voor ontwikkelingswerk. Als een regering liever investeert in vliegdekschepen dan in het welzijn van de bevolking, wat moest hij dan nog doen?‏

Bij het horen van deze anekdote moest ik denken aan de intrigerende opmerking van Jezus dat er altijd armen zullen zijn. Nadat ‘een vrouw’ (of Maria) een kostbare zalf over Jezus’ hoofd (of voeten) heeft uitgegoten, mopperen enkele discipelen (of Judas – de versies in het evangelie lopen uiteen) dat die olie beter verkocht had kunnen worden om het geld aan de armen te geven. Dat commentaar irriteert Jezus. Hij antwoordt iets in de trant van dat er altijd armen zullen zijn en dat ze altijd de zorg nodig zullen hebben van degenen die het beter hebben getroffen. Maar nu even niet, voegde hij eraan toe.

De regering van India weet als geen ander dat er altijd armen zullen zijn. Dat land kiest er echter voor om binnen veilige grenzen en met beveiligde aanvoerroutes te investeren in moderne technologieën en onderwijs. Hulpprogramma’s voor de armen hebben geen prioriteit. Maar tegenwoordig studeren er wel elk jaar ruim 200.000 ingenieurs af en is India een belangrijke motor voor de wereldeconomie. Met als gevolg een razendsnel groeiende middenklasse.

Misschien vond Jezus de rechtlijnigheid van de discipelen harteloos. Immers, de opoffering die de vrouw had gemaakt om de zalf te kopen, werd grofweg opzij geschoven. En misschien ergerde Jezus zich aan de kortzichtigheid die achter het verwijt van de discipelen zat. Met de opbrengsten van de zalf had je een paar mensen even kunnen helpen. Maar je had er niets mee opgelost. Hulp spaart levens, maar biedt geen handelingsperspectief.

| |