Archief
Jaargang:

Haagse kerken klaar voor hulp bij rampen

Kerk en ramp: ‘Meteen de knop om, niet eindeloos vergaderen’

Door Hans Hemmes
Gepubliceerd april 2010, jaargang 13, nr. 125

Reportage Er ligt een belcirkel klaar voor als er een ramp in Den Haag gebeurt. Ook geestelijken en kerkelijke vrijwilligers worden dan opgetrommeld om te luisteren en gerust te stellen.

Geestelijken zijn alleen welkom met een hesje.

Illustratie Willeke Brouwer

Geestelijken zijn alleen welkom met een hesje.

‘Kerk en Ramp’. De naam van dit project werkt op de lachspieren. Het gaat niet over een ramp die zich binnen de kerk voltrekt, maar over de rol die Haagse kerken kunnen vervullen als er een ramp in Den Haag plaatsvindt. Stek (Stad en kerk) neemt het voortouw in dit project. Daar beheert directeur Nienke van Dijk een ‘belcirkel’, een lijst van pastores, andere geestelijken en vrijwilligers die worden ingeschakeld als er iets ergs gebeurt. Niet voor elk wissewasje: de burgemeester bepaalt of er sprake is van een ramp.
In trainingen wordt geleerd hoe te reageren op mensen die in paniek zijn, en, naderhand, panisch of getraumatiseerd. Van Dijk: ‘Wat je in elk geval nooit moet zeggen, is dat het Gods wil is’.
Verder is het niet raadzaam dat hulpverleners zelf in paniek raken of te emotioneel worden. ‘Het is te vergelijken met de kalmerende rol van predikanten bij begrafenissen. Ze weten wat er moet gebeuren. Iemand moet toch het heft in handen nemen.’ De do’s zijn verder: luisteren, geruststellen en trouw blijven. Dat betekent dat hulpverleners ook na het incident contact houden met de wijk.

Tunnel
De geestelijk verzorgers in Den Haag leren van ervaringen elders in het land. Op een oefening in Utrecht waren er gesprekken met de pastor die de slachtoffers van de Bijlmerramp in Amsterdam had bijgestaan. Veel indruk maakten ook de verhalen over de opvang na de vuurwerkramp in Volendam. In mei neemt een Haagse delegatie deel aan een grote rampenoefening in Rotterdam. ‘We weten nog niet wat er precies gaat gebeuren. Het is iets met een ongeluk in een tunnel en wij moeten de bebloede slachtoffers spelen’, zegt Van Dijk.
De oefeningen leggen soms ook typisch Nederlandse kwalen bloot. ‘We moesten een keer naspelen dat er een vrachtwagen met gevaarlijke stoffen was gekanteld voor het gebouw waar de kerkenraad bijeen was. We bleven toen net zo lang vergaderen tot er consensus was. Maar we hadden direct moeten handelen, een knop omdraaien.’

Samen bidden
In november 2004 was er in Den Haag inderdaad weinig bedenktijd. Een deel van het Laakkwartier was een dag lang belegerd, omdat moslimextremisten zich schuilhielden in de Antheunisstraat. In de Oase ging de telefoon bij diaconaal werker Leendert Verzijden en hij bedacht zich geen moment. Honderden wijkbewoners waren geëvacueerd en opgevangen in een sporthal. ‘Binnen een paar uur heb ik een gebedstonde geregeld voor die middag.’ Bij de samenkomst waren alle geestelijk leiders uit de wijk, ook van de moskee en de hindoetempel. De gemeente had aan die andere gelovigen niet gedacht, had er ook geen contact mee. Het samen bidden was juist op dat moment van grote betekenis. Van Dijk: ‘Het was goed voor het klimaat in de wijk.’ Verzijden: ‘We lieten ons niet in de hoek zetten van moslims tegen christenen, maar hielden elkaar vast.’
Verzijden zal de belegering nooit meer vergeten, maar heeft er geen trauma aan overgehouden. Bij een volgende ramp of groot incident zal hij er weer staan. En hij heeft een advies voor de kerken. ‘Probeer altijd een toevluchtsoord te zijn voor mensen die steun zoeken en zorg dat je contacten hebt met andere gelovigen. Samen, daar gaat kracht van uit.’

De rol van kerken bij rampen heeft zelfs een kleine rol gespeeld bij de gemeenteraadsverkiezingen. De partij Christelijk Sociaal Den Haag (SGP) had in het programma opgenomen dat ‘kerken een uitdrukkelijker plek in gemeentelijke plannen’ moeten krijgen. Het leverde echter geen zetel op. 


Hesjes voor geestelijken
Bij de Bijlmerramp werd geestelijken die hulp wilden bieden, de toegang tot het rampgebied ontzegd. Bij de evaluatie bleek waarom: ze hadden geen speciale hulpverlenershesjes aan. In Den Haag krijgt nu iedere geestelijke zo’n hesje.

 

Rob Visser over het drama in Apeldoorn

'Brand? Ach, stuurt u even een mailtje?' 

| |