Paassymboliek in Kruispunt - Kruisteken met een natte duim
Door Hans Hemmes
Gepubliceerd april 2009, jaargang 12, nr. 115
Achtergrond Vieringen in de protestantse Kruispuntgemeente kennen een vormgeving ‘waarbij zowel naar vorm als naar inhoud de verbondenheid wordt uitgedrukt met de katholieke traditie waarvan ook de Reformatie deel uitmaakt’. Hoe is dat te zien?

Foto Margot C. Berends
Het fraai vormgegeven liturgisch centrum van Kruispunt. De katholieke traditie is in deze protestantse kerk ruimschoots aanwezig.
Een lange tocht van het donker naar het licht, vol symboliek. De paasnachtviering in Kruispunt (Mariahoeve) heeft geen preek of avondmaal, maar wel allerlei rituelen die in andere protestantse kerken verloren zijn gegaan.
De viering voltrekt zich volgens een strak schema. Predikant Joop Zuur spreekt van een ‘geladen dienst’ met een emotioneel einde. ‘We doen het al jaren zo. Je hebt niet het idee dat het bijzonder is, tot je ergens anders komt.’
Bij het begin van de dienst zitten alle bezoekers met een kaarsje in de hand in de banken. Ze wachten op de paaskaars. Dan weerklinkt het lied ‘Licht van Christus’ en gaat het licht als een lopend vuurtje door de kerk. Telkens wordt het eerste kaarsje in een bank aangestoken, de zaal wordt steeds lichter. Zuur heft een loflied aan en roept: ‘Christus is opgestaan’. De gemeente antwoordt met: ‘Hij is waarlijk opgestaan’. Om dit op symbolische wijze te onderstrepen, verruilt de voorganger zijn rode stola voor een witte.
Hoogtepunt
In dit deel van de dienst weegt de tekst zwaar. Er volgt een reeks lezingen met verhalen uit de bijbel, waarin de overgang van dood naar leven, van duisternis naar licht, centraal staan. Gemeenteleden lezen lange stukken voor over de schepping, de ark van Noach. De predikant sluit af met het evangelie volgens Marcus. Zuur: ‘Zeven lezingen, dat is veel. Oorspronkelijk waren het er zelfs twaalf. Maar gelooft u mij: de tijd vliegt voorbij.’ Er volgen een litanie en voorbeden, waarna de dienst eindigt met een hoogtepunt. Tenminste, velen beleven dat zo, en Zuur kijkt er ook telkens naar uit.
‘We eindigen met de doopgedachtenis. Geen doop. Ik leg mijn duim op het water en een rechterhand op de voorhoofden van de kerkgangers. Met die duim maak ik een kruisteken. Ik zeg niets. Dat lijfelijk voelen is intens. Het komt allemaal dichtbij. Eerst is de hele schepping in woorden voor ons aangezicht neergelegd en nu komen we zelf in beweging. Dat is de overgang die we van de dood naar het leven maken.’
Na dit ritueel is er veel emotie in de kerkzaal en daarbuiten. Zuur: ‘Dat is echt de ontlading: mensen omhelzen elkaar en blijven nog lang napraten.’




Sociale media
Follow @KerkDenHaag