René de Reuver over katholiciteit: 'Waar haal je het idee vandaan dat bij jou het licht opgaat?'
Door Jan Goossensen
Gepubliceerd oktober 2009, jaargang 13, nr. 119
Interview Ook protestanten zijn katholiek. Dat is voor sommigen schrikken! Maar het is de overtuiging van René de Reuver.
René de Reuver: ‘Met oude, antieke avondmaalsbekers voel je dat je grootouders even naast je zitten.’
Dr. René de Reuver is predikant van de Marcuskerk in Morgenstond/Moerwijk. Twee jaar geleden kwam een opzienbarend boek uit, waaraan hij heeft meegewerkt, Wij zijn ook katholiek geheten. Daarin betogen zo’n vijfentwintig protestantse theologen dat de nieuw gevormde Protestantse Kerk in Nederland zich tot dan toe veel te weinig rekenschap heeft gegeven van haar katholieke wortels.
Was het een alarmkreet?
‘Een beetje. Onze kritiek is wel opgepakt. Verschillende landelijk bestuurders zeggen nu dat de katholiciteit van de protestantse kerk hoog genoteerd staat. Dat is mooi, maar wij hebben betoogd dat het protestantisme fundamenteel katholiek is. Dat betekent: het geheel omvattend. Wij horen allemaal bij elkaar, omdat we bij Christus horen. Dat is onze geestelijke habitus.’
In het boek wordt beweerd dat protestanten niet moeten doen alsof hun kerk in de zestiende eeuw, met Luther en Calvijn, uit het niets tevoorschijn kwam. Integendeel, de bekende reformatoren bouwden voort op een lange christelijke, katholieke traditie. En ook nu doen protestanten van allerlei snit er goed aan die gemeenschappelijke oorsprong in het oog te houden. De geschiedenis van de oude kerk tot aan de Middeleeuwen is ook hun geschiedenis.
Wie dat doet, aldus De Reuver en zijn medescribenten, wordt behoed voor sektarisme. Iedere – ook plaatselijke – protestantse kerk kan zich weliswaar volledig kerk noemen, maar dat neemt niet weg dat het grote verband richtinggevend moet zijn. De Reuver zegt het zó: ‘Niet de verscheidenheid is het probleem, maar de verabsolutering daarvan.’
Leeft het besef bij protestanten, dat ze niet in hun eentje kerk zijn?
‘Jazeker. In mijn vorige gemeente gebruikten we avondmaalbekers van meer dan driehonderd jaar oud. Oude bekers, met randen die een beetje ongelijk waren. Die waren dus al drie eeuwen aan elkaar doorgegeven. Als je daaruit dronk, besefte je dat je je voegde in de lange rij van het voorgeslacht. Je voelde als het ware dat je ouders en grootouders even naast je zaten. Of anderen, die jou zijn voorgegaan in het geloof. Dat wordt ook bedoeld met ‘gemeenschap der heiligen’ uit de Apostolische geloofsbelijdenis. Daar is niet gedacht aan een instituut, maar aan concrete mensen.’
Sommigen willen zich liever op het hier en nu richten.
‘Prachtig! Wees blij met wat je wilt, en wat je wilt zijn. Maar de identiteit van een kerk wordt voor een deel ook bepaald door de familiegenen. Wat je doet, staat niet los van de voorgeschiedenis. Je kunt je daar niet van losmaken, of doen alsof je opnieuw begint.’
Gaat het besef van katholiciteit ten koste van het protestantse gehalte?
‘Hoeft niet. Ik voel me door en door protestants, ik voel me zelf voor God verantwoordelijk. Maar ook Luther en Calvijn spraken altijd over de ene kerk, waarvan ze deel wilden blijven uitmaken. Wat ze deden, waren misstanden aan de kaak stellen en teruggrijpen op de historie. Ze hebben nooit het besef gehad dat ze voor zichzelf iets nieuws wilden beginnen. Die notie is nog steeds actueel. Geen christelijke kerk of sekte kan zich losmaken van de traditie waarin zij staat. Waar zou je het idee vandaan halen dat bij jou het licht opgaat?’
Kan de rol van de paus in de rooms-katholieke kerk het besef van katholiciteit bij protestanten in de weg staan?
‘Dat kan ik me inderdaad voorstellen, want de rooms-katholieke kerk reserveert het pausschap wel sterk voor zich alleen. Je kunt ook zeggen dat de paus van Rome, hoewel hij niet mijn leidsman is, gewoon een belangrijke rol in de christelijke traditie vervult. Hoe oneens je het in sommige opzichten met hem kunt zijn, het is een kiene vent die een hoge leidinggevende positie vervult en naar wie het verstandig is te luisteren. Hij is wel mijn broeder, en mijn zusterkerk heeft hem niet voor niets op een hoge positie gezet. Dat laat mijn eigen verantwoordelijkheid onverlet.’
Het besef dat iedere kerk, dus ook iedere wijkgemeente, deel uitmaakt van een groter geheel, kan ook de gedachten helpen bepalen bij lastige klussen als reorganisatie en schaalvergroting, bijvoorbeeld het groeperen van wijkgemeenten in clusters waar de Haagse protestantse gemeente mee te maken heeft.
De Reuver: ‘Aan de ene kant zien we dat wijkgemeenten zich profileren. Dat is een verrijking van het geheel. Tegelijk vraagt profilering om een groeiend besef van katholiciteit: andere wijken zijn ook deel van de kerk.’ Wat hem betreft komt er ook in Den Haag meer grensverkeer tussen wijken. ‘De tijd van de geografische wijkgemeente met statische grenzen is voorbij. Het kerkelijk menu waar geïnteresseerden uit kunnen kiezen, wordt interessanter.’
Daarmee wil hij zeggen dat ‘samen kerk zijn’ niet per se nivellerend hoeft uit te pakken. ‘Het aanscherpen van het eigen profiel brengt juist goede spanning teweeg in het grote geheel. Die spanning hebben we nodig, om elkaar bij de Waarheid, bij Christus te bewaren. Zonder deze spanning kan de kerk zomaar verworden tot een knusse club van gelijkgezinden.’




Sociale media
Follow @KerkDenHaag