Rob Visser over het drama van Apeldoorn: ‘Dominee, laten we iets religieus doen.’ (22 april)
Door Nelleke de Jong-van den Berg
Gepubliceerd april 2010, jaargang 13, nr. 125
Agenda Koninginnedag 2009. Wat een feest moest worden, werd een ramp. De Apeldoornse predikant Rob Visser vertelt een jaar later in Den Haag over de hectische dagen van toen.
‘Toen alle feestelijkheden werden afgelast en er doordrong wat er was gebeurd, wilde ik net als iedereen naar huis. Onderweg trof ik voormalig nieuwslezer Hennie Stoel, ook Apeldoornse en een goede kennis. “Waar ga je heen?” vroeg ze. “Je bent dáár nodig.”
Ze keek me zo indringend aan dat ik ben omgekeerd.
Ik heb op een bankje gezeten met agenten, brandweermannen. Ze hadden gereanimeerd en huilden. Ik heb mijn armen om hen heen geslagen en naar ze geluisterd. Niks bijzonders, wie op je weg komt, help je.
Mijn echte betrokkenheid begon met een fotograaf die hevig in de war was. Hij had aanvankelijk foto’s gemaakt, was gestopt om hulp te bieden, maar voelde zich schuldig. Ik heb hem mee naar huis genomen.’
Verdrietig
‘En weer werd ik weggestuurd. Mijn vrouw was in de Grote Kerk omdat ze wist dat daar een groep honderdjarigen zat, gasten van de gemeente Apeldoorn – ze is ouderenpastor. Toen die groep uiteindelijk de kerk verliet, vroegen mensen van buiten of ze erin mochten. Ze wilden muziek, een kaars. Mijn zoon kwam er net vandaan: “Mama heeft je daar nodig.”
Er hing een vreemde sfeer, iedereen was ontredderd. “Dominee, laten we iets religieus doen.” Ik belde de organist. En we planden een samenkomst, de volgende avond, voor al die mensen die samen verdrietig wilden zijn.’
Gedonder
‘De volgende ochtend hebben we zeven kaarsen in de kerk neergezet, zes voor de slachtoffers (later is nog een zevende vrouw overleden) en een voor de dader. Die was ook slachtoffer, maar dan van het leven. We hebben daar gedonder mee gehad, maar ik denk dat je de samenleving het beste dient als je ook gevoel hebt voor mensen die lijden aan het leven. De dader heeft gehandeld uit een diepe frustratie om zijn eigen mislukken. Ik heb contact met enkele mannen die zich in hem herkennen. Dat doorrekenen naar een landelijk cijfer is te schokkend voor woorden.
De frustratie. De eenzaamheid.’
Visser voelt zich zelf ‘op orde’, hij heeft de klap kunnen verwerken dankzij de steun van zijn vrouw. ‘En als je in balans bent, kom je alle schokken te boven.’
Donderdag 22 april, 20.15 uur. Kloosterkerk. Toegang € 5,-.




Sociale media
Follow @KerkDenHaag