Bijbels QRS
Schepping en natuur
Door Trinette Verhoeven
Gepubliceerd juli 2009, jaargang 12, nr. 117
Bijbels QRS De bijbel staat vol woorden. Gedurende de geschiedenis heeft de mens, de kerk, die woorden een eigen leven ingeblazen. En er woorden aan toegevoegd, die bij nader inzien helemaal niet in de bijbel staan.
Hebben schepping en natuur met elkaar te maken? Het lijkt een simpele vraag, maar dat is slechts schijn. In ons spreken en schrijven worden schepping en natuur door elkaar gebruikt. In het ‘conciliair proces’, geïnitieerd door de Wereldraad van kerken, nu al weer enkele jaren geleden, zeiden we ons te willen inzetten voor het behoud van de schepping, maar we bedoelden dat wij ons wilden inzetten voor de natuur, het milieu.
Vanuit mijn opleiding – in Amsterdam – heb ik sterk leren onderscheiden tussen schepping en natuur. Schepping was bevrijding. De hele Schrift ademt bevrijding – zo dacht men daar. God leidde Israël uit Egypte, trad telkens weer op als Israël vreemde goden achterna liep. En natuurlijk was daar nieuwtestamentisch de redding van de dood.
Het scheppingsverhaal werd ook gelezen als een daad van bevrijding. Door zijn scheppingswoord haalt God ons namelijk weg uit de cyclus die de natuur eigen is. Dat wij het verpestten was een andere zaak. Wij vervreemdden onszelf van God en van zijn schepping door aan hem gelijk te willen zijn en door van de boom van kennis van goed en kwaad te eten. Maar die vervreemding zal Hij doorbreken. Schepping is in het denken van de Amsterdamse School een voordurend proces dat uiteindelijk de overwinning zal behalen op de dingen die er natuur-lijk zijn, zoals dood en verval.
In een theologie waarin schepping bevrijding wordt van de natuurlijke processen, is de waardering voor de natuur zelf niet erg hoog. In de natuur kon je – vanuit de Amsterdamse optiek – God in ieder geval niet leren kennen. Kune Biezeveld, die kort voor haar dood het boek Als scherven spreken schreef, heeft mij het duwtje in de rug gegeven om andere theologische invalshoeken te onderzoeken.
Wanneer alle kaarten op de schepping worden gezet als bevrijding, wordt de band die er is tussen schepping en natuur volledig verwaarloosd. Dat is jammer. Dat doet ons al eeuwenlang veel te onvoorzichtig omspringen met de natuur. De natuur is niet alleen maar slecht. De natuur kan ook prachtig zijn. Ik trek regelmatig een sprintje door het Haagse Bos en ik geniet van al het uitbottende groen. Zou ik dat niet met God mogen verbinden?
Het probleem is dat de natuur zo ambigu is. Naast het prachtige groen staat ook het verval. Staan de natuurrampen. Staat de dood. En wie durft die met God te verbinden? In feite legt Kune Biezeveld ons de vraag voor of wij ons leven durven te erkennen en te waarderen als ingebed in geboorte en dood, in voortplanting en verval. Ze stelt voor de dood eerst maar eens serieus te nemen, om vervolgens ook in het licht daarvan over God te praten. Zij spreekt niet in eerste instantie over bevrijding; zij spreekt over zegen. God is bij haar degene die met ons meegaat.
En zij citeert dan met instemming Willem Barnard (Gezang 223: 2):
Gods goedheid is te groot
voor het geluk alleen,
zij gaat in alle nood
door heel het leven heen.
Margreet Klokke, predikant van de Kloosterkerk, en Trinette Verhoeven, predikant van de Lutherse Kerk, schrijven om beurten een aflevering van deze theologische rubriek. De titel is een knipoog naar het befaamde boek Bijbels ABC van K.H. Miskotte.
Andere artikelen over het thema stad en voedsel:
Foodprint wil aandacht voor voedsel in de stad
Dadels en olijven, melk en honing in Stadskloostertuin




Sociale media
Follow @KerkDenHaag