Theodore Dalrymple in De Boskant (11 nov.)
Gepubliceerd november 2011, jaargang 15, nr. 140
agenda Theodore Dalrymple, de bekende Britse conservatieve cultuurcriticus, komt deze maand in Den Haag.
Dalrymple (schrijverspseudoniem voor Anthony Daniels) was arts-psychiater in Birmingham in een gevangenis en een ziekenhuis. De ervaringen met zijn patiënten, veelal afkomstig uit achterstandswijken, leverden hem de stof voor zijn bekendste boeken en artikelen. Dalrymple is een cultureel-conservatieve criticus van het links-liberale gedachtegoed en van utopisch denken.
Zijn ironische en soms sarcastische kritiek op gangbare opvattingen in welzijnsland en binnen de meeste politieke partijen is zo basaal, dat weinigen vat krijgen op deze man. Sinds enkele jaren maakt hij furore in Europa. Enkele titels van zijn boeken zijn: Beschaving, of wat er van over is en Leven aan de onderkant. Hij uit kritiek op de cultuur van de onmiddellijke behoeftebevrediging en op gemakzuchtig cultuurrelativisme. Volgens hem is beschaving niet vanzelfsprekend, maar moet die continu bevochten en verdedigd worden.
Agressieve jeugdcultuur
De oorzaak van veel hedendaagse misère in westerse landen – criminaliteit, huiselijk geweld, drugsgebruik, agressieve jeugdcultuur, hooliganisme, gebroken gezinnen enzovoort – is volgens hem het nihilistische, decadente en zelfdestructieve gedrag van mensen die niet weten hoe ze moeten leven. Zowel het vergoelijken van dit gedrag als de medicalisering van de eruit voortvloeiende problemen noemt hij een vorm van onverschilligheid.
Armoede op zich kan volgens Dalrymple geen verklaring zijn voor agressief, crimineel en zelfdestructief gedrag. In een Afrikaanse sloppenwijk kun je in de armoedigste omstandigheden waardigheid en persoonlijke beschaving aantreffen die in een gemiddelde Engelse stadswijk – oneindig welvarender – ontbreken.
Nederigheid
Vrijheid en zelfontplooiing worden volgens hem ten onrechte als zelfstandige waarden voorgesteld. Dit idee heeft vooral voor de onderklasse desastreuze gevolgen gehad. Als voorbeeld noemt Dalrymple onder andere vrije seks, dat in de hogere maatschappelijke regionen tot een beperkte ontwrichting leidde. In de lagere klassen waren de gevolgen veel ernstiger: gebroken en vaderloze gezinnen, drugs- en alcoholproblemen, seksuele jaloezie, huiselijk geweld enzovoort.
De teloorgang van persoonlijke beschavingsidealen, zoals distantie, ijver, nederigheid, ironie en zelfbeheersing, noemt hij een ramp voor het persoonlijke en maatschappelijke leven.
De oorzaak van onze ‘culturele armoede’ moet volgens hem de intellectuelen worden aangerekend. Zij hebben sinds de Verlichting gaandeweg de fundamenten van de beschaving aangetast en zij kijken nu, op politiek-correcte wijze, weg van de problemen die dat heeft veroorzaakt.
Vrijdag 11 november, 20 uur. De Boskant.





Sociale media
Follow @KerkDenHaag