Tussen perfectie en verval
Door Jan Goossensen
Gepubliceerd juli 2010, jaargang 13, nr. 127
agenda De keerzijde van vergankelijkheid. Zo zou je de beeldhouwkunst van Kim De Ruysscher kunnen typeren.
Wie deze zomer op het Korte Voorhout wandelt, of een blik werpt in de Kloosterkerk, ziet daar marmeren sculpturen van Kim De Ruysscher. Vooral de kleine voorwerpen vallen op. Een rol wc-papier. Een in elkaar gefrommeld draagtasje. Een ingedeukte voetbal. Een opgerolde streng vuilniszakken. Proppen papier. Allemaal dingen die voorbestemd zijn om weggegooid, achtergelaten en vergeten te worden.
De vergankelijkheid van het alledaagse boeit Kim De Ruysscher. Hij kijkt naar zo’n bal en denkt onwillekeurig aan de talentvolle voetballertjes die ermee in de weer zijn geweest. Of naar het draagtasje, dat een sjiek cadeau voor een vriendin heeft omsloten. Het cadeau doet er even niet toe, maar het tasje, glimmend en even sjiek als het cadeau, is weggegooid en wacht nu op de vuilnisman. De vuilniszakken worden volgepropt met melkpakken en belanden morgen in de kraakwagen van de gemeentereiniging.
Zonovergoten bomen
Verleden en toekomst van alledaagse voorwerpen houden De Ruysscher bezig. Als reactie op de vergane schoonheid heeft hij de bal, de rol, de zakken en het tasje uitgevoerd in het kostbaarste materiaal dat er is: marmer. Wie dat voor het eerst ziet, schrikt. Wat krijgen we nou? Dit is het moment dat De Ruysscher op het oog heeft. Hij zegt: ‘Ik nodig de toeschouwers uit om het verleden van die voorwerpen onder ogen te zien, en om daardoor aan hun toekomst te denken.’
Ook in zijn grote sculpturen, die in glazen tuinhuisjes staan opgesteld, speelt de Belgische beeldhouwer die Hagenaar werd, met de begrippen verleden en toekomst. Hij hakte momentopnamen in steen en hoopt dat de wandelaars er zelf het bijbehorende verhaal bij verzinnen.
Kim De Ruysscher balanceert tussen perfectie en verval. Door beide is hij geboeid. Hij gebruikt zijn vakmanschap en zijn kostbare materiaal om de bezoekers van Den Haag Sculptuur over deze samenhang aan het denken te zetten. Op een kerkbank, of op een bankje buiten, onder de zonovergoten bomen waarvan de eerste blaadjes al weer neerdwarrelen.
Op het Voorhout en in de Kloosterkerk beelden van Manolo Valdés en Kim De Ruysscher. Tot 12 september.






Sociale media
Follow @KerkDenHaag