Burgerschapslezing in Nieuwe Kerk
Tutu kan van alle mensen genieten
Door Derk Stegeman
Gepubliceerd januari 2009, jaargang 12, nr. 112
Reportage Diversiteit is een levensbeginsel en geen verschil, dat tot superioriteit zou kunnen leiden. In zijn creativiteit heeft God de mensen verschillend geschapen, zodat wij weten dat we elkaar nodig hebben. Aldus de Zuid-Afrikaanse emeritus-bisschop en nobelprijswinnaar Desmond Tutu op de Haagse Burgerschapslezing over de kracht van culturele diversiteit.
Onderhuids lijken we intussen veel op elkaar: we zijn leden van één grote familie. Voor Tutu, die begin december in de Nieuwe Kerk in Den Haag sprak, is dat geen sentimentele uitspraak, maar een ethische.
Als grootmoeder wat minder inbrengt, krijgt ze dan minder te eten? Wordt een baby op rantsoen gezet, omdat die alleen kosten met zich meebrengt? Diversiteit en verantwoordelijkheid dus binnen de context van een gemeenschap: ‘Wees er trots op kinderen van God te zijn.’
Dat Tutu zo eindigde, heb ik ervaren als een genadige grap. Humor gaat niet zonder zelfrelativering en dat is hem wel toe te vertrouwen. De deur naar christelijk triomfalisme werd zorgvuldig afgesloten: ‘Goddank dat God geen christen is.’
Terpstra: zware opgave
Doekle Terpstra (voorzitter HBO-raad, oud-voorzitter CNV) hield vervolgens een co-referaat. Omgaan met diversiteit, zei hij, vraagt doorzettingsvermogen en is een zware opgave. Waar Tutu’s verhaal in al zijn aanstekelijke eenvoud opbeurde, drukte de last van Terpstra’s betoog terneer. Tutu zong de lof van de diversiteit, Terpstra zag vooral de last ervan.
Diversiteit: gave of opgave? Terpstra ziet vooral de opgave, maar waartoe leidt onze inzet dan en hoe houden we het vol? En wanneer is het klaar: als we in staat zijn de ander te verdragen? Is het individualisme dat ons hier opbreekt: dat we niet meer in het verband van de gemeenschap leven? Als de gemeenschap een mozaïek is, dan heeft Tutu de veelkleurige afbeelding ervan voor ogen. Hij gelooft erin en weigert zich blind te staren op dwarsliggende steentjes.
Terreur van het christendom
Uit de getuigenissen voor de Waarheids- en verzoeningscommissies in Zuid-Afrika ‘hadden we gemakkelijk kunnen concluderen, hoe diep de mens is gezonken’. Maar Tutu gaf vooral aan de grootsheid te hebben gezien van mensen die waarheid zochten, vergiffenis vroegen en zo ruimte schiepen voor verzoening.
Op de vraag naar zijn houding jegens de terreur vanuit de islam, reageerde Tutu uitsluitend met voorbeelden van de terreur van het christendom: kruistocht, apartheid, Amerikaans-christelijk imperialisme. Nota bene deze zwarte Zuid-Afrikaan trok het boetekleed aan en beleed zijn schuld. Zo creëerde hij een opening voor ontmoeting.
Voor ons stond een vrij mens: zonder grootheidswaan. Iemand die weigert om met rancune te leven of haat toe te laten. Open voor anderen in hun anders-zijn. Iemand die van mensen geniet en veel van hen verwacht. Een mens die anderen opbeurt en de draak met zichzelf steekt. Een clown die het circus van deze wereld draaglijker maakt, die de spanning doorbreekt omdat we om hem moeten lachen.
Tenminste dat denken we dan – maar lachen we in feite niet om onszelf?





Sociale media
Follow @KerkDenHaag