Baltische Berichten (6): Vredesmaal in Riga

Rob van Essen brengt KDH-lezers op de hoogte van zijn belevenissen in Litouwen. Hij is daar namens KDH voor een ‘zomerschool’.

De grootste overdekte markt van Europa, zei onze gastheer. We hadden ze gisteren al vanuit de bus gezien: vijf reusachtige halfronde gebouwen. Remises of pakhuizen? Ze blijken er begin twintigste eeuw door de Duitsers gebouwd te zijn als hangars voor de reusachtige zeppelins. Nu zijn in elke hal de handelaars in vis, fruit, levensmiddelen, brood, souvenirs enzovoorts samengebracht.

Mijn lief valt van de ene verbazing in de andere: je kunt zien hoe zuurkool wordt gemaakt en de koekjes liggen onverpakt in vakken. Bossen bloemen staan voor een halve Euro geprijsd en mooie leren laarsjes uit Wit Rusland zijn onwaarschijnlijk goedkoop. Gelukkig mag je bagage maar twintig kilo wegen als je vliegt, anders waren we vaak door hebzucht gezwicht.

Onze volgende stop is bij een orthodoxe kerk aan de Gogolstraat. Er is een dienst bezig en bij de ingang staat dat vrouwen het hoofd bedekken moeten. Neeltje krijgt een sjaaltje te leen van de dame die kaarsjes en prentjes verkoopt. We zien af en toe twee priesters verschijnen, maar prominent aanwezig zijn de vrouwen. Als bezoekers en als nijvere dienstmaagden. De één veegt met een bezem bloemblaadjes weg, twee anderen zijn bij een ikonenstandaard bezig een extra plankje aan te brengen. En de zang die we horen is van onzichtbare vrouwen. ‘Ze zullen toch geen opname afdraaien?’, vraag Neeltje zich af.

’s Middags bezoeken we de beroemde ‘Geboorte van Christus-kathedraal’. Gastvrij staan de deuren open, maar een bedelares die op de trappen onze goedgeefsheid wilde beproeven wordt met zachte drang verwijderd. Ook hier is een dienst bezig en we zien dat gelovigen vol toewijding een icoon kussen om daarna een zegen van de priester te ontvangen, die zij vervolgens op de hand kussen. Een open kerk, dat is waar, maar geen enkele concessie aan de eeuwenoude liturgie. Geen ‘taal voor deze tijd’ of ‘kerkproeverij’: gewoon de geheimen vieren. Het heeft wel iets, al wringt bij mij ook hier de rol van de vrouwen die (onzichtbaar) zingen en ijverig de heilige voorwerpen verzorgen.

In het park, dichtbij ons hostel, is deze week de 3e Europese korenolympiade. (Helaas tussen de vele deelnemende landen geen Nederlandse inbreng). Het publiek beloonde de zangers gul. Maar toen een Kroatisch koor een lied uit Letland zong veerden de mensen op en klapten enthousiast mee. Letland en Kroatië, twee volken die weten dat vrijheid en onafhankelijkheid niet vanzelfsprekend zijn. We kochten vandaag ‘The Baltic Times’ en de kop op de voorpagina luidt: ‘Aftredende voorzitter EU Markku Markkula: Ik denk niet dat Rusland de Baltische landen kan binnenvallen’. Eén Europese gemeenschap, maar op twee vlieguren afstand ziet de wereld er heel anders uit als in Den Haag.

Ooit was de zeppelin een strijdmiddel in de Eerste Wereldoorlog om terrein te verkennen en de vijand te bombarderen. Nu zijn de voormalige hangars voorraadschuren van voedsel en is het een gaan en komen van wie eens vijanden waren. Misschien moet de volgende ontwapeningsconferentie in Riga gehouden worden met een excursie naar de grote markt. Om daar te zien dat oorlog geen toekomst heeft en mensen hunkeren naar de maaltijd waar de kooplui van Riga vis, vlees en uitgelezen wijnen aan bijdragen.

Rob van Essen
Rob van Essen is onder andere emeritus-predikant en redacteur bij Kerk in Den Haag.
Kerk in Den Haag is partner van het educatieve Erasmus + uitwisselingsproject ‘Sacrale ruimten als plaatsen van herinnering’ van de Europese Unie, waaraan tien instellingen in acht landen deelnemen.

Deel dit artikel