Paulus achterna (9): Preek op de markt

Van Tolo rijden wij in zo’n drie uur naar Athene. Onderweg een stop bij het kanaal van Korinthe, dat eind 19de eeuw werd gegraven. De laatste die er zich aan had gewaagd was keizer Nero geweest, die 6000 Joodse slaven aan het werk zette. Door zijn dood stopte het project om vele eeuwen later voltooid te worden. In Athene zijn we op tijd om op het Syntagmaplein de wisseling van de wacht bij het graf van de onbekende soldaat bij te wonen. Het is 35 graden en de twee wachters staan onder een linnen afdakje. De ‘voorstelling’ komt het dichtst bij een vertraagd afgespeeld ballet en een X-size wajang poppenspel. Een leger is nodig zegt men, maar balletten en vrolijke tetterende blaaskapellen mogen wat mij betreft afgeschaft worden. Ik vrees dat dat niet snel gebeurt.

Nóg vervelender was dat wij, met z’n veertigen samen gegroept bij de hotelbalie, de dief niet gezien hebben die er met de rugtas van Margriet vandoor ging. Weg paspoorten, betaalpassen en vakantiefoto’s! We wisten het: let op je spullen! Maar één onbewaakt moment…
Inmiddels is dankzij de Nederlandse ambassade de terugreis veiliggesteld, maar we werden er allemaal een beetje wantrouwig van. Met mijn geliefde Neeltje ging ik op onze laatste dag naar het prachtige Akropolis-museum. Op een aantal plaatsen is de beneden-vloer van glas, zodat de stad van enkele duizenden jaren geleden letterlijk onder je voeten ligt. Boven de beelden en restanten die de tempels sierden van het Parthenon, is de ooit 160 meter lange fries te zien met de voorstelling van een grote processie van mensen en dieren. Een groot deel bestaat echter uit replica’s, want twee derde ervan is ooit naar het British Museum afgevoerd (33 scheepsladingen). Ook in het Louvre kwam een deel terecht. De Europese gedachte gaat niet zover dat het geroofde wordt teruggebracht.

Christendom won terrein
Het hart van het klassieke Athene was de agora (plaats voor markten en openbaar bestuur). De hitte was inmiddels verlammend. Gelukkig vonden we verkoeling in de stoa (zuilengalerij) die Attalos II, koning van Pergamon (220-138 v.C.) liet bouwen. Het was als dank voor de filosofische opleiding die hij in Athene had genoten. Lang nadat het Christendom in 330 officieel erkend was, bleef Athene een centrum van filosofie en dienst aan de traditionele goden. In 529 verbood keizer Justinianus onderwijs in wet en filosofie in Athene. De tempels functioneerden in die tijd al nauwelijks, omdat het christendom terrein won. Het kerkje van de Heilige apostelen uit het jaar 1000 legt daar getuigenis van af. Bij de opgravingen van de agora was dit het enige latere gebouw dat niet is verwijderd. Er zijn resten van fresco’s (17de eeuw) op de wanden en in de koepel. En een suppoost waakt over ‘de eerbied in Gods huis’. Volgens sommige geleerden heeft Paulus bij de centrale Stoa naast de Agora zijn toespraak over de ‘onbekende God’ gehouden. Lucas vertelt over twee mensen die door Paulus’ woorden geraakt zijn. Het kerkje vertelt dat het daarbij niet gebleven is. Ons reisgezelschap valt uitéén na morgen, maar de meesten gaan in hun plaatselijke gemeente verder. Paulus achterna.


Tekst en foto’s: Rob van Essen

Op de foto boven: Het kleinste kerkje van Athene.

Deel dit artikel