‘We kunnen niet meer zonder elkaar’

Het project Gast aan tafel wil Nederlanders en vluchtelingen bekender én beminder met elkaar maken. Opzet: een Nederlander en nieuwkomer dineren een half jaar elke maand beurtelings bij elkaar. Michiel Hardon, projectvoorzitter in Den Haag en lid van de Kloosterkerk, nodigde KDH uit aan tafel bij Julia, Dagmar en Shahira.

Julia en Dagmar hadden al eens meegedaan aan een dinerproject. Tafelen met (eenzame) ouderen was gezellig, maar toen Julia’s zus een mail doorstuurde over Gast aan Tafel ontstond de behoefte om iets positiefs te doen tegenover de negatieve beeldvorming over de ‘vluchtelingenstromen’.
‘We werden gekoppeld aan een vrouw uit Syrië’, vertelt Julia. ‘Oh oh, dacht ik. Wij zijn lesbisch, zij wellicht moslim. Is dat geen probleem?’ Inmiddels kunnen ze moeilijk meer zonder elkaar. ‘Als ik al vooroordelen had, namelijk dat sommige bruggen niet geslagen kunnen worden, dan zijn die nu van tafel geveegd.’ Dat Julia en Dagmar getrouwd zijn én twee kinderen hebben, wekte bij Shahira geen verbazing maar bewondering op. ‘In Syrië is openlijke homoseksualiteit uit den boze. Ik zie het als een toonbeeld van persoonlijke vrijheid in de maatschappij.’
Gebakken aardappeltjes, een Syrische ovenschotel, salade: Shahira loopt met haar zelf bereide geuren en kleuren de keuken uit alsof die van haar is. Hoezo een gast gekluisterd aan tafel? ‘Beti betak, jij bent mijn ochti hè’, zegt Julia wanneer ze over haar vertelt. Woorden als deze hebben Shahira een thuisgevoel in Nederland gegeven. Oftewel: ‘Ons huis is haar huis en jij bent mijn zus.’

Zonnestralen
Shahira vertelt: ‘Ik ben opgevoed in een streng religieuze gemeenschap. Het betekende nogal wat voor mij om, als vrouw, de goed bewaakte sociale en religieuze grenzen over te stappen en opgeleid te worden tot werktuigkundig ingenieur en filosoof. Maar het belangrijkste: ik had een zelfstandig leven gewonnen. Een eigen identiteit! En wie ben ik nu? Een vluchteling.’ Even kijkt Shahira triest, maar droefheid voert deze avond niet de boventoon. De vrouw straalt urenlang van blijdschap en optimisme. Het lijkt alsof ze, wanneer ze vertelt over de ‘ruïne’ in haar leven, telkens de zonnestralen zoekt die zich door de brokstukken wringen.
Julia helpt haar daarbij. Ze laat een filmpje zien van hun swingende autoreis naar Shahira’s vrienden in Duitsland. Het dak ging eraf: ze dansten en zongen uit volle borst, beiden in het Arabisch. ‘Integratie komt van twee kanten’, vertelt Julia, ‘daarom heb ik Shahira gevraagd om mij Arabisch te leren.’
Het gezin had nooit kunnen bedenken dat een onbekende gast zoveel voor hen zou gaan betekenen. ‘Shahira heeft mijn hart en ogen geopend’, zegt Julia. ‘Ik ben het leed en het kwaad beter gaan zien. Maar ook dat mensen – niet alleen in Syrië – zelfs in ellendige situaties opgewekt kunnen zijn. Zo zou het onjuist zijn om Shahira te typeren als “zielige vluchteling”, want met haar krachtige persoonlijkheid en hoop heeft ze veel bereikt.’ Dat bleek bijvoorbeeld toen Julia zich het leed van vluchtelingen zozeer aantrok, dat Shahira zelf haar hielp om niet om te vallen.

Waar haalt ze dan die kracht vandaan om rechtop te blijven staan? Shahira vertelt een metafoor: ‘Een man vond een cocon en zag dat de vlinder zich daaruit probeerde te worstelen. Hij knipte de cocon open. Het beestje kroop de rest van zijn leven rond met een gezwollen lichaam en verfrommelde vleugels. De man begreep niet dat de krappe cocon en de worsteling nodig waren om lichaamsvloeistof in de vleugels te pompen. Ik heb mijn vrijheid zelf bevochten. Elke dag spreid ik mijn vleugels.’

Gastaantafel.nl

Robert Reijns

Deel dit artikel