Gemeente Den Haag schrapt kerken als stembureaus

Burgemeester Van Aartsen heeft zijn besluit dit voorjaar al genomen. Ambtenaren hebben het vervolgens telefonisch meegedeeld aan kosters en kerkbeheerders. Het was een politieke beslissing, werd hun gezegd. De burgemeester is van mening dat de scheiding van kerk en staat niet toestaat dat religieuze gebouwen dienst doen als stembureau. Of er in het verleden klachten zijn geweest van burgers die niet wilden dat ze in een kerk hun stem konden uitbrengen, is niet duidelijk.

Schriftelijke vragen CDA
Hoeveel kerken nu van de lijst van stembureaus zijn geschrapt, is onbekend. Een woordvoerder van de gemeente houdt het op 21. Andere bronnen spreken van 31. De definitieve lijst van stembureaus is nog niet gepubliceerd. Het totaal aantal stembureaus in Den Haag bedraagt circa 270.

Het besluit van de burgemeester, dat pas onlangs bekend is geworden, is voor de CDA-fractie in de gemeenteraad aanleiding geweest schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders te stellen. Fractievoorzitter Gert-Jan Bakker is benieuwd naar de argumenten van de burgemeester, en hoe zijn besluit tot stand is gekomen. Hij wil ook weten of er in het verleden problemen zijn geweest met het gebruik van ‘gebouwen van levensbeschouwelijke instellingen’ als stembureau.

Ter toelichting zegt Bakker: ‘Ik heb zelf nooit gehoord dat er problemen waren met stembureaus in kerken. Mensen die er komen stemmen, hebben alleen met het gebouw te maken, niet met religieuze activiteiten waar ze ongevraagd mee in aanraking zouden kunnen komen. Ik vermoed dat hier een oplossing is bedacht voor een probleem dat in de praktijk niet bestaat.’

Verbazing Haagse Stadspartij
Joris Wijsmuller, raadslid van de Haagse Stadspartij, is ‘verbaasd’ over Van Aartsens besluit. ‘Ik zie de noodzaak niet’, zegt hij. Ook hij heeft nooit van klachten van Hagenaars gehoord. Het enige wat hij zich kan voorstellen, is dat onder druk van ‘een bepaalde politieke stroming’ een teneur in Nederland aan het groeien is waarbij alle godsdienstige stromingen in diskrediet worden gebracht. Dat betreurt hij.

Beide politici erkennen dat burgemeester Van Aartsen als voorzitter van het hoofdstembureau van de regio Haaglanden formeel het recht heeft stembureaus aan te wijzen of te schrappen. Wijsmuller: ‘Maar ondanks zijn bevoegdheid heeft de gemeenteraad het recht kaders te stellen. Hij had ons daarover kunnen informeren.’

De lijst van stembureaus die vorig jaar met de verkiezingen van Provinciale Staten in bedrijf waren, kent een bonte mengeling van gebouwen: buurthuizen, bibliotheken, scholen, musea, winkels, verzorgings- en verpleeghuizen, een ziekenhuis, sporthallen. En ook kerkgebouwen. Behalve de Agneskerk (Beeklaan) zijn het overwegend protestantse kerken van allerlei snit, verspreid door de hele stad. Stembureaus in kerken worden altijd ingericht in een bijzaaltje of in de hal; nooit in de kerkzaal. Moskeeën zijn tot nog toe nooit gebruikt als stembureau.

Het enige kerkgebouw dat in september wel dienst doet als stembureau, is de Goede Herderkapel aan de Meidoornstraat (Heesterbuurt). Dit gebouw is gehandhaafd, omdat in de buurt kennelijk geen alternatieven voorhanden zijn.

Onbegrip Protestantse Gemeente
Reacties uit kerkelijke kring getuigen van onbegrip. Ds. IJjo Akkerman, voorzitter van de algemene kerkenraad van de Protestantse Gemeente te ‘s-Gravenhage (PGG), zegt: ‘Het heeft mij zeer verbaasd dat onze burgervader dit besluit heeft genomen. Ten eerste omdat hij dit op persoonlijke titel doet en ten tweede omdat hij met dit besluit geen enkele voeling toont met een niet onbelangrijk deel van de samenleving in deze stad. Sprekend voor de PGG wijs ik op de enorme bijdrage die kerken aan de samenleving leveren, zowel wat de moraal als de sociale cohesie betreft. Wat het eerste betreft dit als voorbeeld: wat goed dat je in een kerk vandaag de dag kunt stemmen op zowel de PVV of de SP, en op alles wat daar tussen in te kiezen valt. Dat is wel eens anders geweest. Wat het tweede betreft: alleen Stek (Stad en kerk) al mobiliseert meer dan achthonderd vrijwilligers om actief te zijn in wijken en buurten.’

Doorgeslagen secularisme
Akkerman citeert met instemming een recent artikel van de theoloog dr. Maarten Wisse in NRC Handelsblad, die zegt ‘het beu te zijn, die voortdurende aanval op religie.’ Wisse beweert dat een minder verkrampte omgang met godsdienst in het publieke domein juist de scherpe kantjes er van afhaalt. Citaat van Wisse: ‘Al sinds de zestiende eeuw weten de Hollandse regenten dat je religies niet moet opsluiten in hun eigen privéruimte. Staatsgefaciliteerde religie is gematigde religie.’

Akkerman: ‘De heer Van Aartsen kan nog veel leren van zijn vroege voorvaders, die oog hadden voor het maatschappelijk belang, namelijk dat er ook nog ergens een ziel huist in de samenleving, in een wijk, in een buurt. Met Wisse zeg ik: “Of religie waar is, zal mij nu een worst zijn. Het interesseert mij alleen dat zij iets oplevert, wat voor mensen van belang is.” ‘

Een rondgang langs andere kerkelijke vertegenwoordigers levert soortgelijke geluiden op. ‘Een doorgeslagen vorm van secularisme’, zegt Rob van Essen, tot voor kort predikant in Laak. ‘En ook merkwaardig, gezien de goede samenwerking tussen gemeente en kerken op ander gebied. De overheid vraagt de kerken mee te werken aan de uitvoering van de WMO, de wet maatschappelijke ondersteuning.’ Stek voert dit jaar voor ruim vier ton uit aan sociale projecten, in opdracht van en betaald door de gemeente Den Haag.
 
Beïnvloed door kruisbeeld
Frederik Ekkelboom, koster van de Bethelkerk Loosduinen, heeft een ambtenaar van de gemeente Den Haag gesproken die hem het besluit van de burgemeester meedeelde. ‘Toen ik vroeg naar de reden waarom de bijzaal van onze kerk geen stembureau meer mag zijn, antwoordde hij: “Misschien hangt er nog ergens een kruisbeeld, waardoor mensen beïnvloed kunnen raken.” ‘
 
De koster wijst erop dat in openbare bibliotheken, die wel stembureau blijven, toch ook godsdienstige boeken te vinden zijn: bijbels, theologische werken, korans, boeddhistische geschriften. ‘Moeten die boeken op de verkiezingsdag dan achter een gordijntje, zodat niemand ze kan zien?’
 
In plaats van in de Bethelkerk wordt het stembureau nu in een tegenoverliggend tuincentrum gevestigd. Ekkelboom, lachend: ‘Mag dat tuincentrum op 12 september nog wel christusdoorns verkopen?’
 
Waar ligt de grens?
Dit voorbeeld mag misschien overtrokken zijn, een serieuze vraag is wel waar de gemeente de grens trekt bij het weren van levensbeschouwelijke gebouwen als stembureau. Tot nog toe deden ook bijzondere scholen mee. Zou bijvoorbeeld de Ds. D.A. van de Boschschool nog door de selectie komen? Van de Bosch was weliswaar een gerespecteerde Haagse verzetsheld uit de Tweede Wereldoorlog, maar hij was ook christen en zelfs predikant, in de Julianakerk.

Twee andere gemeenten in de regio hebben geen moeite met kerken als stembureau. In Rijswijk kunnen stemgerechtigden in september in een handvol kerken hun stem uitbrengen. Een woordvoerder laat weten dat daar nooit klachten over gekomen zijn. Ook Rotterdammers kunnen in september, net zoals in voorgaande jaren, weer in kerken stemmen.

Soms respect, soms verzet
De ‘scheiding van kerk en staat’, op grond waarvan Van Aartsen de kerken heeft geschrapt, is een formulering die in essentie bedoelt wederzijdse bemoeienis met elkaars organisatie te voorkomen. De scheiding, die in alle democratieën wordt beleden, is een reactie op praktijken in de Middeleeuwen. Toen benoemden keizers bisschoppen en oefenden kerkelijke leiders ook wereldlijk gezag uit.

In de praktijk verschilt de verhouding tussen kerk en staat per land, per periode en per thema. Kerken zijn, vanuit hun eigen roeping, gerespecteerde deelnemers aan het maatschappelijke en politieke debat geworden. Soms zijn ze partners; soms bekritiseren ze overheidsstandpunten en politieke ontwikkelingen. In het uiterste geval roepen ze op tot verzet, zoals in de Tachtigjarige Oorlog tegen de Spanjaarden gebeurde, tijdens de Tweede Wereldoorlog tegen de nazi’s en in de DDR tegen de communisten. In de nadagen van de DDR in 1989 werd de strijd voor meer burgerrechten gevoerd door een bont gezelschap, waarbij christenen vruchtbaar samenwerkten met anderen. Kerken in Oost-Duitsland waren de uitvalsbases van waaruit de roep van het volk om vrijheid en democratie werd georganiseerd.

In de Nederlandse poldersamenleving overheerst sinds jaar en dag tussen kerk en staat wederzijds respect. Op lokaal terrein uit zich dat in gemeenschappelijke aandacht voor sociaal en humaan beleid. Het – praktische – gebruik van kerkzaaltjes als stembureau past in die verhoudingen. Maar er zijn ook mensen, politici én kerkleden, die vinden dat op sleutelmomenten van het politieke bedrijf je de bijbehorende rituelen in eigen huis of tenminste op neutraal terrein moet uitvoeren. Van Aartsen behoort kennelijk tot die groep. Al zijn er ook liberalen die zijn fundamentalisme niet delen.

De ‘scheiding van kerk en staat’ wordt vaak verward met een niet bestaande ‘scheiding van geloof en politiek’. Sterker, ook bij de komende Kamerverkiezingen zullen burgers van allerlei snit mede op grond van hun godsdienstige en levensbeschouwelijke overtuiging hun politieke keuzes maken. En dat kiezen kan overal gebeuren; daar zijn zelfs helemaal geen kerkgebouwen voor nodig.

 

Deel dit artikel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *