Oktober: Wat heeft de Reformatie nu nog te zeggen?

Deze maand is het precies vijfhonderd jaar geleden dat in Duitsland Maarten Luther de Reformatie ontketende. Dit nummer staat in het teken van die revolutie met wereldwijde gevolgen. Maar kunnen we anno 2017 nog iets met ‘zonde’ en ‘genade’, de woorden van toen? In de Kloosterkerk zoeken ze het uit.

Wat hebben oude woorden die in de tijd van de Reformatie een rol speelden, mensen van nu te zeggen? In de Kloosterkerk worden deze maanden kerkdiensten gewijd aan begrippen die compleet uit de tijd lijken. Om er enkele te noemen: boete, zonde, genade.
Pas op, zeggen de predikanten Margreet Klokke en Rien Lanooy. ‘Oude begrippen worden nooit echt ouderwets. De mens verandert niet in essentie. Vergelijk het met theaterstukken van oude Grieken en van Shakespeare. Ook daarin worden thema’s behandeld die nog steeds drommen mensen trekken.’
We moeten ook niet vergeten, zeggen ze, dat je de zogenaamde reformatorische begrippen gewoon kunt terugvinden in allerlei bijbelse verhalen. ‘De verlegenheid, als die er is, heeft dus niet zozeer met Luther te maken maar met een deel van de christelijke traditie zelf.’ En als mensen zulke woorden ‘zwaar’ vinden, is het goed te bedenken dat die zwaarte zelden van Luther komt maar eerder van Calvijn. ‘Luther, die in de traditie van de kerkvader Augustinus stond, had er geen moeite mee om te zeggen dat alle mensen zondig zijn. Maar dat maakte hem niet somber. Hij ontdekte in de bijbelse verhalen een kracht die de mens opricht. Boete doen noemde hij, naar men zegt, ‘ein fröhliches Geschäft’. En over de zonde zei hij: ‘Wees een zondaar en zondig dapper, maar geloof nog dapperder in God’.

‘Precies de goede uitleg’
Kortom, er is geen enkele reden om niet de tanden te zetten in begrippen waarvan je denkt dat een moderne kerk ze het liefst bij het grootvuil zou zetten. Klokke: ‘In het pastoraat ontmoet ik mensen die het woord ‘zonde’ in hun jeugd te veel hebben gehoord. Ze gingen – of gaan – gebukt onder een gevoel van dreiging dat ze aan allerlei kerkelijke normen niet voldeden.’ En nog steeds zijn die oude woorden dichtbij. Er is een televisieprogramma ‘Achter de dijken’, over het calvinistische gehalte van ons land. En wat te denken van de stickers op afgeprijsde artikelen bij Albert Heijn met de tekst ‘Weggooien is zonde’? Wat de kerk lijkt te hebben afgeschaft, duikt in de supermarkt weer op.
Klokke: ‘Dat is precies de goede uitleg. Zonde heeft in de bijbel niets met moralisme te maken, maar is – als je het woord letterlijk vertaalt – zoiets als een pijl die zijn doel mist. En daarmee is zonde een hoogst actueel en betekenisvol begrip. Noem de kortingssticker toegepaste theologie. Het doel van voedsel is niet om te worden weggegooid. Mijn verre voorganger dominee Kwint noemde zonde een roos die in de modder valt. Terwijl een roos in een vaas hoort te staan. Zo kan ook een mens zijn doel missen, dat is zonde en jammer.’

Kwetsbaar mens
Ook het woord ‘genade’ is beslist niet uit de tijd, zeggen de voorgangers. Lanooy: ‘Genade gaat over de kunst van een goed leven. En die kunst is niet dat je het in het leven maakt, maar dat je het leven ontvangt. Wat ertoe doet, krijg je, het is een geschenk. Je leven, je aanleg, de mensen die je ontmoet, je geluk, liefde, zelfs je beperkingen.’
Volgens de theologen komen woorden als genade in de kerk veel te weinig aan bod, ‘in een tijd waarin iedereen zich perfect moet voordoen op Facebook en Instagram. Luther herinnert ons eraan, dat het de moeite waard is om na te denken over wat een kwetsbaar en feilbaar mens dragen kan.’
Klokke: ‘In Luthers tijd twijfelde men aan zichzelf. Nu twijfelt men aan God. Daardoor is het voor velen moeilijk om zich open te stellen voor het goddelijke en ontstaat de neiging zichzelf aan de eigen haren uit het moeras omhoog te willen trekken. Dat gaat vaak niet. Ga eens naar de kerk, zou ik zeggen. Daar hoor je dat je je ook kunt láten dragen.’

Afgezien van bijbelse begrippen, is het geen extra moeilijke vertaalslag om ook de theologie uit de tijd van Luther en Bach begrijpelijk te maken voor mensen van nu? Neem Bachs cantate ‘Ein feste Burg’, een omspeling van het befaamde Lutherlied. Eind deze maand wordt het stuk overal in het land uitgevoerd. Het is een ronkende tekst vol martiale taal. Ten strijde tegen satan! De tenor zingt over het ‘vaandel met het bloed van Christus’. Zijn die begrippen niet erg tijdgebonden en daarom ongeschikt voor verlichte gelovigen van nu? Lanooy is daar laconiek over. ‘Soms kan ik inderdaad niets met dit soort teksten. Dan laat ik ze voor wat ze zijn. Ik parkeer ze.’ Anderzijds zal hij ook in cantatediensten oude theologische begrippen zo veel mogelijk willen actualiseren. ‘Ik zeg wel eens: onze kerk staat dan wel in het Museumkwartier, maar we zijn geen museum.’

Beide Haagse theologen noemen het niet meer dan logisch, dat de Kloosterkerk niet wegloopt voor de traditie. Oude, archetypische begrippen hebben nog steeds grote zeggingskracht. Klokke: ‘Generaties vóór ons hebben ook met die woorden geleefd. De essentie is het geluk van de kwetsbare mens. Daar moet je blijvend naar zoeken. Daarom is het goed steeds naar de kern van een wijsheidsboek als de Bijbel – toch zo’n drieduizend jaar oud – terug te gaan.’ Lanooy: ‘Oude woorden moet je niet willen wegstoppen. Alles wat je wegstopt, komt vroeger of later weer boven drijven.’

Jan Goossensen

Kerk in Den Haag  bestaat in november precies twintig jaar. De redactie is benieuwd: wat vindt u van het blad/de website? Uw mening (2 minuten invultijd) is ons verjaardagscadeau. Daarmee hopen wij u te trakteren op een nog mooier blad/website. Om de redactie blij te maken: klik hier.

Deel dit artikel