Meer intimiteit (in de kerk) mag gerust

Is dit het einde van het handen schudden, dat nog niet zo lang geleden gold als hét teken van westerse omgangsvormen en emancipatie? Welke betekenis heeft het aanraken van ons lichaam voor onze manier van geloven? Reinhold Philipp, theoloog en predikant in de remonstrantse kerk van Den haag, wil een ‘eerherstel van intimiteit’.

Groet elkaar met een heilige kus! De apostel Paulus sluit enkele van zijn brieven af met deze aanbeveling. Bij Paulus gaat het om een groet. Maar in de vroege christelijke gemeenschap werd de heilige kus gebruikt in de liturgie van de kerkdiensten. Bij voorbeeld bij het uitwisselen van de vredesgroet voor de eucharistie. Daar heeft de kus duidelijk niet de functie van een begroeting, maar symboliseert broederlijke/zusterlijke naastenliefde. De aangeduide omarming en de kus op de wang komt in de liturgie nog weleens voor. Maar de kus onder alle gemeenteleden is uit de kerkdienst verdwenen. Kennelijk vindt men dit ritueel toch te intiem.

Nieuwe moraal

In Nederland is het drie keer zoenen ter begroeting steeds meer ingeburgerd geraakt. Sommige culturen volstaan met een omarming en eventueel een of twee zoenen. Maar Nederland staat bekend om zijn drie zoenen. Als buitenlanders na een of twee keer zoenen willen stoppen, worden ze onmiddellijk gecorrigeerd: in Nederland drie keer! Op het platteland van Beieren, waar ik ben opgegroeid, was van zoenen ter begroeting geen sprake. Een knikje met het hoofd was meestal voldoende, eventueel gevolgd door een ‘Grüss Gott!’. Een hand geven geldt als zeer formeel. Dat gebeurt dus meestal alleen als mensen zich aan elkaar voorstellen of als het zeer lang geleden is dat men elkaar ontmoette. Velen zullen het niet erg vinden, maar het is zeer de vraag of de kus, het drie keer zoenen, ja zelf het handen schudden in de nieuwe anderhalve-metersamenleving zullen overleven. Wat wordt het nieuwe normaal voor onze manier van elkaar begroeten? Met de handen kaarsrecht tegen elkaar ­gedrukt. Een groet die we kennen van de hindoes. Zullen we gaan groeten met de hand op de borst (het hart)? Krijgen we een ‘Duitse’ kleine buiging van het hoofd? Is dit het einde van het handen schudden, dat nog niet zo lang geleden gold als ‘het’ teken van Westerse omgangsvormen en emancipatie? Tempora mutantur, et nos mutamur in illis. De tijden veranderen en wij veranderen mee.

Toch groet ik u bij deze met de heilige kus van Paulus. Deze kus is veilig, want virtueel of op papier. In zekere zin is het een goodbye kiss, want ik ben de komende drie maanden met studieverlof. Zoals ik eerder al een keer heb geschreven betekent goodbye niet ‘tot ziens’, maar (in het laat Middel-Engels geschreven als Godbwye of God.b.w.ye) God be with you, dus ‘God zij met u/jou!’. Ik vind dit persoonlijk mooier dan ‘tot ziens’.

Mystiek en lichamelijke intimiteit

Ik houd een literatuurstudie over het onderwerp intimiteit, intimiteit en spiritualiteit of de spiritualiteit van intimiteit. In de bekende plafondschildering van Michelangelo (Sixtijnse Kapel, Vaticaanstad) zien we de schepping van Adam. Beroemd zijn de twee vingers, van de mens en van de Schepper, die elkaar net niet raken. Juist omdat ze elkaar niet raken lijkt het alsof er op dat moment iets gebeurt. Springt op dat moment de vonk des levens over van Schepper op schepsel?

Vooral in de mystiek speelt de lichamelijke intimiteit met God, de Onzegbare, een belangrijke rol. Welke betekenis heeft aanraking en ons lichaam voor onze manier van geloven? Volgens kerkleraar Augustinus dient ons lichaam als ontmoetingsplaats voor God. De christelijke spiritualiteit werd lange tijd in verband gebracht met het geestelijk leven, waarbij de nadruk meer op de geest werd gelegd dan op het lichaam. Maar is een puur geestelijke ervaring mogelijk? Kunnen we ons dat voorstellen? Lichaam en geest hebben elkaar nodig, beïnvloeden elkaar. Aan de meest verheven spiritualiteit ligt lichamelijkheid ten grondslag. ‘Uw lichaam is een tempel voor de Heilige Geest die in u woont’, zegt de apostel Paulus. (1 Korintiërs 3:16). De mystici brengen hun ontmoeting met het Onnoembare tot uitdrukking in lichamelijk taal. Ze worden ‘aangeraakt’. Ze ‘schouwen’ God. Ze ‘horen’ hemelse muziek. Er lijkt geen andere taal voor de diepste mystieke ervaringen te bestaan dan die van lichamelijkheid.  

Ik hoop ondanks de #MeToo-beweging en het nieuwe normaal van 1,5 meter afstand houden een bijdrage te kunnen leveren aan een eerherstel voor intimiteit.

Reinhold Philipp