‘Nooit bang geweest voor kerkkrimp’

Margriet Quarles van Ufford, de spin in het web van kerkelijk Den Haag, is met pensioen. Ze heeft veel kerken zien sluiten. Nieuwe vormen van kerk-zijn hebben volgens haar toekomst.

Margriet Quarles van Ufford was ruim twaalf jaar beleidssecretaris van de Algemene Kerkenraad van de Protestantse Kerk in Den Haag. Afgelopen mei ging ze met pensioen. Dat neemt niet weg dat ze voor de Haagse Gemeenschap van Kerken nog steeds algemeen secretaris is. Dat doet ze graag. Ze noemt het ‘een leuke club van betrokken en bevlogen mensen, met een warm hart voor de oecumene’. Daarnaast is ze actief in de Lukaskerk.

Hoe kijk je terug op je werk bij de Algemene Kerkenraad?

‘Door mijn werk heb ik veel organisaties en mensen leren kennen en met elkaar kunnen verbinden. Overigens kon ik dat ook als redacteur bij Kerk in Den Haag. Ik roep altijd dat ik geen netwerkdier ben, maar wat verbinden betreft, ben ik het juist wél. Ik ben in die kerkelijke wereld verzeild geraakt, voel me er thuis, maar kerkgangers zijn echt niet anders dan anderen.

Wat een mooi project is geweest, was toen we een paar jaar geleden de visie van de protestantse kerk gingen opschrijven. We hebben bijeenkomsten georganiseerd waarin we met gemeenteleden uit de hele stad een breed gedragen visie ontwikkelden.

Moeilijk was het zware weer waarin we als kerk hebben gezeten. Ik heb grote bezuinigingsrondes meegemaakt. Die waren ingewikkeld en pijnlijk, er zijn kerken gesloten. Ik ben zelf nooit bang geweest voor de krimp in geloofsgemeenschappen, ben nooit voor de grote getallen gegaan. Het gaat erom dat het kwalitatief goed is. In de Lukaskerk zijn we met 150 stoelen begonnen en nu staan er in de coronatijd nog maar 25, maar dan haal je stoelen weg en dan zit het toch nog gezellig vol. Dan doe je het met het clubje dat er is.’

Bij afnemend kerkbezoek zijn mensen misschien bang dat de gemeenschap opgeheven moet worden.

‘Tja, dan besta je niet meer. En dan? Ik ben er heilig van overtuigd dat wanneer je als gemeenschap ophoudt te bestaan, je ergens anders weer bij aan kunt sluiten, of dat er weer iets anders begint… Misschien moeten we juist niet zo bang zijn, niet krampachtig proberen overeind te blijven. Zorg ervoor dat je het goed hebt in de tijd dat je het doet!’

Heb je de oecumene in de laatste tien jaar zien verbeteren of verslechteren?

‘Op het niveau van de Haagse Gemeenschap van Kerken groeit en bloeit de oecumene. We hebben prachtige gezamenlijke herdenkingen, bijvoorbeeld op 4 mei of die van de migranten die omgekomen zijn op zee. Ik zie nu niet zo gauw dat een rooms-katholieke en een protestantse kerk samen een groot uitgepakte viering hebben, maar voorgangers worden wel bij elkaar uitgenodigd.’

Heb jij een toekomstbeeld van de Haagse kerken?

‘Vorige week fietste ik door een dorp in de provincie Utrecht en daar werd gewoon een nieuwe kerk gebouwd, maar hier in de stad zie ik dat niet meer gebeuren. We weten niet hoe het gaat lopen met het kerkelijk leven in Den Haag. Wie had nu kunnen voorzien dat we de afgelopen maanden allemaal via de tv of de computer naar een kerkdienst zouden kijken of luisteren? Het lijkt me goed om met elkaar te investeren in nieuwe vormen van kerk-zijn. Bijvoorbeeld in kleinere gemeenschappen, waar ook op andere manieren gevierd kan worden, met een andere liturgie. Bijvoorbeeld wat de Haagse Dominicus doet, of een deel van de gemeente van Het Kruispunt dat niet is meegegaan met de reorganisatie, maar op zondag is gaan kerken in een verzorgingshuis. Dat vind ik ook nieuwe manieren van kerk-zijn.’

Tekst: Jolly van der Velden