In-Druk: Is het niet dwaas dat de liefde nooit vergaat?

Op vakantie in Schotland zag ik op een berg een gebouw dat mijn verbeelding prikkelde. Stond daar niet het Romeinse Colosseum? In 1897 wilde ene McCaig in Oban een museum neerzetten waar je niet omheen kon. Maar de onderneming ging failliet. McCaig’s Folly, een kolossale ‘dwaasheid’, zo heten onnutte bouwsels in het Engels. Jezus waarschuwde ooit dat je wel de kosten moet berekenen voor je je aan de bouw van een toren zet. Dat klinkt alleszins redelijk, maar hoe redelijk is geloven eigenlijk? ‘Als ik de consequenties had gekend, weet ik niet of ik mij had laten dopen’, zei het meisje met een drugsverleden. En neem Abraham, die de ‘vader van de gelovigen’ wordt genoemd. Hij hoorde een Stem en ging op weg, zonder te weten waar hij komen zou. Hij gehoorzaamde niet ‘om in de hemel te komen’ of om gelukkig te worden. Ja, er was een land, achter de horizon. Maar informatie daarover ontbrak.

De toren van Babel, onvoltooid en geen succes. ‘Groeien’, dat doet het graan, maar het onkruid ook. Niet alles wat groot groeit, is een teken dat Gods zegen erop rust. Gemeentegroei, geluk, blijdschap, voorspoed, innerlijke vrede: claim Gods beloften! Maar Jezus wijst aspirant-volgelingen op het kostenplaatje: loslaten van zekerheden, vervolgd worden, treuren. En desondanks zijn er die het met Hem wagen. ‘Jij spreekt woorden van leven’, zeggen ze. Ze menen het, maar intern hebben ze het niet altijd gezellig. ‘Wie is de meeste?’ ‘Waarom hij en niet ik?’ Waar geloof beleden wordt, blijven ruïnes van goede bedoelingen achter. Lach die McCaig maar niet uit, want ook in ons leven blijft er veel onafgemaakt. Soms zitten mensen verslagen bij de brokstukken. Ze hadden het goed bedoeld, zouden het anders gaan doen dan hun ouders. Het lukte niet om je partner vast te houden, een kind wilde niet deugen. Het oordeel over anderen keert als een boemerang naar jezelf terug. Wie zonder ruïnes is, legge de eerste steen.

Zelf ben ik bemoedigd door iemand die over ‘de genade van het nulpunt’ sprak. Een werkelijk nieuw begin is dáár mogelijk waar we niet langer energie in onze ‘ruïnes’ stoppen. Deze coronatijd is op allerlei manieren rampzalig: voor eenzamen, voor middenstanders, artiesten en kunstenaars. En toch… sommigen waagden het om het roer compleet om te gooien. Een hoteleigenaar biedt leefruimte aan daklozen, een zangeres neemt haar oude beroep in de zorg weer op, kerkdeuren gaan open voor stilte en het branden van een kaarsje.

Het ultieme symbool van ondergang en mislukking is het kruis van Jezus. Einde verhaal, zou je zeggen. Toch is daar niet alles mee gezegd. O ja, een ‘dwaas’ symbool wordt het genoemd. Is het dwaas, zoals Paulus schreef, dat de liefde nooit zal vergaan? Vanuit dat geloof schrijven mensen, met vallen en opstaan, verder aan Jezus’ verhaal. Deze maand worden in veel kerken de namen van de overledenen genoemd. We rouwen om afgebroken levens, weten van schuld en tekort. We zijn nergens meer. Maar onze enige troost is dat de Eeuwige niets dan goeds van ons weet.

Rob van Essen