‘We speelden badminton in de Grote Kerk’

Arietta Hartman koestert dierbare herinneringen aan haar jeugd. Ze woonde haast in de Grote en Nieuwe Kerk, waar haar vader koster was.

Het verhaal van Arieta begint in 1948 op het Spui. Als kleuter woonde ze twee jaar in de kosterij van de Nieuwe Kerk, de plek waar nu bar en restaurant Pavlov gevestigd is. Zeventig jaar later heeft ze nog vaag het beeld voor ogen van haar vader die de met gas verlichte lampen met een lange stok aanstak. En van padvindersdiensten, geleid door een in padvindersuniform gestoken dominee. In korte broek dus. Ook weet ze nog dat ze op het terrein van de Nieuwe Kerk leerde fietsen.

Verstoppertje

In 1950 vertrok het kostersgezin naar de met trapgevels versierde kosterswoning van de Grote of St. Jacobskerk in het oude centrum van Den Haag. Met minder nam vader Van Spronsen geen genoegen, want hij hield van kerken met een klassieke uitstraling. ‘Ik had het mooiste huis van iedereen, maar dat zag ik toen niet in’, vertelt Arieta. Liever woonde ze net als haar klasgenootjes in een rijtjeshuis. Voor de rest heeft ze enkel goede herinneringen aan de veertien jaar die ze naast de Grote Kerk zou wonen. ‘We hielpen mijn vader met het stoffen van de kerkbanken, met opruimen na de kerkdienst en met de koffie’, memoreert ze. Ze speelde verstoppertje tussen de kerkbanken en badminton in de hal van de kerktoren. En uiteraard zat ze elke zondag in de kerkbank. Er werden iedere zondag nog twee kerkdiensten gehouden. De dienst van vijf uur werd regelmatig bezocht door prinses Wilhelmina. De stoof, waar prinses Wilhelmina zeventig jaar geleden nog haar voeten op zette, staat tegenwoordig in Arieta’s woonkamer. Vergezeld van een hofdame nam Wilhelmina steevast plaats op de klapstoelen vóór de hofbank. Ze wilde niet opvallen. Slechts weinigen hadden dan ook in de gaten dat de oud-koningin in hun midden was.

In 1964 trouwde Arieta in haar eigen kerk. ‘Dat wilde je gewoon’, zegt ze daarover. Drie jaar later werd op dezelfde plek het huwelijk van prinses Margriet ingezegend. Het was een hoogtepunt in de loopbaan van haar vader. Net als de doopdienst van Willem-Alexander.

Maquette

Foto van Roelie Droege.

In 1981 werd de Grote Kerk aan de eredienst onttrokken. De Nieuwe Kerk was al veel eerder gesloten voor de eredienst. Arieta draagt de twee kerken nog steeds een warm hart toe. Behalve de koninklijke stoof is ze in het bezit van een mal van de Nieuwe Kerk. Per toeval liep ze tegen het kleimodel aan, dat ooit gebruikt is voor een maquette van de verdwenen Joodse buurt van Den Haag. De plotselinge herkenning van ‘haar’ kerk had emotie bij haar opgeroepen, waarop de eigenaresse het model spontaan aan haar had geschonken. Datzelfde nostalgische gevoel bekruipt haar als ze restaurant Pavlov binnenstapt. Ze heeft al eens gevraagd of ze even boven mocht rondkijken, de plek waar haar eerste herinneringen liggen. ‘Ik ga ook nog wel eens naar een concert van het Residentieorkest in de Nieuwe Kerk’, vertelt ze. ‘Dan kijk ik rond en denk ik: toch fijn dat de kerk daar nog voor gebruikt wordt.’ Zo had ze ook graag een definitievere bestemming gezien voor de Grote Kerk, maar ze stelt vast dat die wel erg vaak gesloten is: ‘Buiten de jaarlijkse kerstnachtdienst en de oecumenische dienst op Prinsjesdag heeft de kerk ook nauwelijks nog een religieuze bestemming.’ Ze beseft dat het de realiteit is. ‘De kerk is groot, van monumentale waarde en daardoor verschrikkelijk duur in onderhoud. De kerk moet geld opbrengen met evenementen en beurzen. Het is begrijpelijk, maar wel heel jammer.’

Roelie Dröge