‘Waarom willen we zo ver weg?’

0
128

Schrijver, onderzoeker en journalist Emy Koopman breekt een lans voor het waarderen van de eigen omgeving. Het is niet nodig om van hot naar her te reizen. De Zinnen organiseerde de gespreksavond; Kerk in Den Haag was erbij.

Hoewel Emy Koopman (36) nog niet alle continenten heeft aangedaan, reist ze al jarenlang de halve wereld rond. Nu zit ze in de Christus Triumfatorkerk in Bezuidenhout, om te praten over haar stelling: ‘Kunnen we niet gewoon thuisblijven?’ Ze schreef er afgelopen zomer een opiniestuk over in de Volkskrant. Aanleiding was de verwachte toename van het vliegverkeer na de toenmalige versoepeling van de coronamaatregelen. Alle reden voor DEZINNEN, het katholieke netwerk voor inspiratie en dialoog, om haar deze avond uit te nodigen voor een gesprek, waaraan ook de aanwezigen deelnemen.

In moeders achtertuin

Koopman groeide op in de jaren negentig, waarin een kampeervakantie in haar milieu voor ‘lullig’ doorging. Als millennial is ze vertrouwd met het idee dat verre reizen maken doodnormaal is. Maar het kán niet meer, vindt ze. ‘Meteen weer het vliegtuig in is dubbel asociaal.’ Koopman doelt op het feit dat het klimaat niet echt opknapt van massale vliegbewegingen, maar ook op het risico op uitbreiding van de pandemie. Daarnaast werpt ze de vraag op: ‘Wat maakt dat wij zo ver weg willen?’ Niet iedere aanwezige lijkt overigens dat verlangen naar verre vakanties en het ontvluchten van het dagelijks leven te delen. Iemand oppert: ‘Zou het reizen een oplossing kunnen zijn voor je eigen problemen?’ Koopman verwijst naar een opvatting van de Franse filosoof Blaise Pascal: ‘Het probleem is dat we niet met elkaar geconfronteerd willen worden.’ Mede om die reden bracht ze twee weken door in de achtertuin van haar moeder in Oss. In die Brabantse uithoek ontdekte ze hoe rustgevend het tekenen van planten is. Bovendien bleek het Nederlandse platteland verrassend, met kamelen op een boerderij om de hoek.

Nieuwe prikkels

‘Je gaat even achter een geluidswal en daar staan opeens heel veel bramen’, constateert Koopman. Het nieuwe inzicht heeft haar aangezet tot een heroverweging van haar ‘Wanderlust’: het verlangen om te zwerven en nieuwe prikkels op te doen. ‘Wanderlust kan maken dat je het nabije niet meer ziet’, weet ze nu. Opeens vallen de aanwezigen over elkaar heen met het bezingen van het gewone, het onopvallende, het aardse. Zoals de dame die zich beklaagt over de anonimiteit van het moderne leven en als tegenwicht planten in haar portiek heeft gezet. Het leidde tot ontmoetingen met haar buren. ‘Ik ben heel tevreden in mijn eigen huis en reis veel in mijn hoofd’, verklaart een ander. ‘Het leven kan rijker worden door verinnerlijking’, stelt een vrouw die regelmatig een ‘ecokolonie’ in de Vogezen aandoet. Een vierde trekt de conclusie: ‘We moeten een bescheidener houding aankweken.’

Koopman, gretig: ‘Meer aandacht, meer dankbaarheid. Als je het zoekt, hoef je het niet ver weg te zoeken. Het is er allemaal al.’ Ron Reijsbergen, lid van DEZINNEN, vat het als volgt samen: ‘In essentie gaat het om een heel andere manier van leven, met meer oog voor elkaar.’ Emy Koopman heeft zich dan reeds naar de trein naar Amsterdam gehaast. Maar haar woorden klinken na: ‘De nabije omgeving is speciaal. Het is overal.’

Matthijs Termeer

Fotobijschrift: Emy Koopman: ‘Wanderlust kan maken dat je het nabije niet meer ziet.’