‘In het klooster beleef ik mijn passie voor wat ik niet weet’

0
275

Opnieuw zijn we een kleurrijk Theoloog des Vaderlands rijker en voor het eerst is dat een monnik: Thomas Quartier. In de huidige cultuur van oneliners en polarisatie wil hij ruimte maken voor zorgvuldige gesprekken, waarin luisteren een voorwaarde is.

Thomas Quartier is een waardig opvolger van zijn voorgangers. Samuel Lee (2020) vindt zijn inspiratie op straat en in de Bijlmer, Almatine Leene (2021) wil vanuit de theologie werken aan diversiteit en ontmoeting. Quartier werd geboren in Duitsland. Hij is monnik in de Abdij Keizersberg in Leuven (België) en aan de Radboud Universiteit in Nijmegen is hij hoogleraar voor Liturgische en Rituele Studies. Een monnik als Theoloog des Vaderlands? Quartier: ‘Juist in het klooster realiseer je je dat samen geloven nationaliteit overstijgt.’ De kleine gemeenschap in Leuven zou ook niet kunnen bestaan als ze haar gebouw niet deelde met buitenlandse zusters en haar inspiratie niet deelde met een kleurrijke mix van studenten en burgers in Leuven. ‘We zijn er maar met z’n vieren’, zegt hij. ‘Vanaf de buitenkant lijkt het dat het kloosterleven uitsterft, maar juist die kleine gemeenschappen worden weer toekomstlaboratoria.’

Habijt

Voor Quartier gaat het in het geloof om de weg naar binnen, om zo ook compagnon te kunnen worden van andere zoekers. ‘In het klooster beleef ik mijn passie voor wat ik niet weet. Maar ik krijg er tegelijk woorden, symbolen en gebaren aangereikt waardoor mijn vragen niet in vrijblijvendheid blijven steken. Wat ik niet weet, kan ik zingen en bidden.’ Muziek en lied zijn daarom belangrijk voor Quartier. Zo trok hij een jaar door Nederland met ‘bedezangen’, naar de titel Bedezang van zijn boek en cd. Het zijn geloofsliederen uit de kloostertraditie, in de stijl van Bob Dylan. Hij heeft daar in de vele interviews weinig over gezegd, want hij had er geen behoefte aan om alleen maar als ‘de zingende monnik’ bekend te worden. Muziek en lied zijn één deel van het brede palet van kunst en cultuur dat hij voor ogen heeft. Ook de colleges aan de universiteit zijn voor hem onderdeel van die weg ‘naar buiten’. Hij doet dat in habijt, niet om zichzelf opzettelijk van anderen te onderscheiden. Het monnik-zijn is geen ‘extra’ voor hem; hij weet zich daarin gedragen door een traditie die zoekt naar het hart van het christen-zijn. In dat verband viel in het gesprek het woord profetisch: ‘Ik ga dit jaar de profeten herlezen; wat hebben die ons te zeggen?’ Hij denkt dan niet alleen aan de profeten van Israël, maar ook aan mensen die nu in kunst en cultuur hun zegje doen, en zeker ook aan ‘gewone’ gelovigen. Quartier: ‘Profetie betekent namelijk dat er een venster opengaat, dat er ruimte gemaakt wordt. Ze is ook vaak subversief, staat dwars op de huidige cultuur van maakbaarheid en zelfontplooiing.’ Quartier wil gesprekken, performances en evenementen organiseren over actuele thema’s als armoede en jongerencultuur. Daarom zal hij ook samenwerking zoeken met Tabitha van Krimpen, de nieuwe Jonge Theoloog des Vaderlands. Welke vensters gaan er open als je luistert naar schrijvers of kunstenaars en dat weer spiegelt aan woorden uit de Bijbel? ‘Het zou mooi zijn om in onze cultuur van oneliners en polarisatie ruimte te maken voor zulke zorgvuldige gesprekken, waarin luisteren een voorwaarde is. En misschien kan daar een boek, of liefst een theatervoorstelling uit resulteren.’ Al samen zoekende liefde delen: een mooie klus voor een monnik voor wie nationaliteit en rationaliteit niet het laatste woord hebben.