Troubadour: In donkere tijden

0
77

Ik brand een kaars voor alle demonstranten

die vechten voor de rechten van de vrouw,

die, ondanks alle dreiging, onverschrokken

de straat op gaan met afgeknipte lokken

al slaat het leger ze ook bont en blauw.

 

Ik brand een kaars voor alle woninglozen,

wanhopig zoekend naar een eigen stek.

Ik brand een kaars voor wie hun land ontvluchten,

omdat zij honger, dorst of oorlog duchten

of ’n wrede, dictatoriale gek.

 

Ik brand een kaarsje voor wie moeten strijden,

en sneven voor de vrijheid van hun land

en voor de mensen die in doodsangst leven

en door de vijand in het nauw gedreven.

Ik zing ze zachtjes toe: houd moed, houd stand!

 

Ik brand een kaarsje voor klimaatrebellen

die strijden voor ’t behoud van de planeet,

maar ’t is of een gevaarlijk denken rondwoedt:

het egoïstische ‘na mij de zondvloed’;

en men vergeet, vergeet, vergeet, vergeet.

 

Ik brand een kaarsje voor de vele mensen

die elke dag weer voor de keuze staan:

de keuze tussen kou of honger lijden.

De prijzen stijgen, het zijn dure tijden.

Doe je een trui of toch de kachel aan?

 

Ik brand… ach nee, ik kan wel bezig blijven

en nimmer keert een vlammetje het tij.

De wereldvrede is nog niet op handen.

Maar dankzij alle kaarsjes die nu branden

zit ik er ondertussen warmpjes bij.

 

Martijn Breeman