Als het geloof helpt

Vorige maand waren er op allerlei zenders fragmenten te horen van de indrukwekkende toespraak van Martin Luther King, vijftig jaar geleden in Washington. Hij hield die om aan de rassenscheiding in Amerika een eind te maken.
Ik moest terugdenken aan de grammofoonplaat die ik jaren geleden kocht. Daarop staan alle speeches en liederen van die gedenkwaardige bijeenkomst bij het Lincoln Memorial op 28 augustus 1963. Ik had de rede van dominee King dus al veel vaker gehoord, maar ook nu weer ging dat dramatische slot, die herhaalde smeekbede om free at last mij door merg en been. Zijn oratorisch talent inspireerde miljoenen. King sprak een verlossend woord en kon zo echt de strijd tegen rassendiscriminatie verder helpen.

Het punt dat ik hier wil maken is dat in weerwil van de heersende opinie geloof juist belangrijk, ja onmisbaar blijkt om dingen te veranderen. Een samenleving zonder geloof is een zielloze samenleving. Die – of zijn wij het zelf eigenlijk niet? – zoekt nu haar heil in technocratische oplossingen, in een overaanbod aan controlemaatregelen om zaken op de rails te houden of te krijgen. Het zal niet werken. Wat werkt, is wanneer wij onszelf weer verantwoordelijk voelen voor wat er mis gaat. En daar is geloof absoluut onmisbaar voor.

Maar is geloof dan niet in diskrediet gebracht door een godsdienst die zich nog maar recent in onze samenleving genesteld heeft? Die van buiten af gezien een premoderne uitstraling heeft en wiens aanhangers desnoods met veel geweld hun visies aan anderen wil opleggen? Dat is allemaal waar en het herinnert natuurlijk ook aan ons eigen godsdienstige verleden, waarin soortgelijke praktijken gangbaar waren en kerken elkaar onderling bestreden. Die strijd was vaak gebaseerd op dogma’s die achteraf onhoudbaar bleken.
De onttovering van de wereld waar de sociologen over spreken, heeft daar ongetwijfeld aan bijgedragen. Waar achterhaalde voorstellingen en praktijken door kerken koste wat kost in stand gehouden worden, voelen velen zich tegenwoordig onherroepelijk buitengesloten. Dit is waar ‘religie’ voor staat en daaronder lijdt het ethische appèl dat van geloof kan uitgaan. Denk maar aan King.

De gereformeerde theoloog Kuitert sprak al meer dan twintig jaar geleden over het ‘algemeen betwijfeld christelijk geloof”. Het werd in brede kring herkend, want zijn boek werd een bestseller. Maar het ethos dat van het christelijk geloof kan uitgaan, hoeft er niet onder te lijden. Men hoeft alleen maar terug te keren naar wat vroeger de blijde boodschap werd genoemd.

Dat lijkt een eenvoudige dorpspastoor die als paus genoegen neemt met een overjarige Renault zo op het eerste gezicht een beetje te lukken. Reikhalzend werd uitgezien naar de eerste woorden van Papa Bergoglio. Buona sera (goedenavond), klonk het tot ieders verbazing. Dat was ook een verlossend woord.
Geloven is bij deze paus vooral een werkwoord. Zijn opmerkingen over de mensonterende omstandigheden waarop bootvluchtelingen op het Italiaanse Lampedusa leven, vallen niet te negeren. Dit kan echt niet, dit moet veranderen. Dat snapt iedereen. Een louter technocratisch georganiseerde samenleving slaagt daar niet in. Maar geloof hopelijk wel.

Paul van Velthoven is voormalig journalist van dagblad Het Binnenhof en van De Haagsche Courant.

 

Deel dit artikel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *