Relivant is in de war

Een week geleden kocht ik ‘Mijn strijd’, Hitlers tot voor kort verboden boek. Op vakantie in Duitsland aarzelde ik vorig jaar of ik de wetenschappelijke uitgave, met voetnoten, zou kopen. Ik besloot te wachten, omdat er een Nederlandse vertaling zou komen.

Het is een fors boek geworden, waarin elk hoofdstuk vooraf gegaan wordt door een kritische, wetenschappelijke inleiding. Tegengif dat Hitlers haat en leugenpropaganda moet neutraliseren. Maar al lezende betreurde ik het toch dat er voetnoten ontbreken die ter plekke ontmaskeren of weerleggen wat eens de geesten van een volk moest rijp maken om zich in slachtofferschap te wentelen en de Joden tot ultieme zondebok te maken. Het leest mij nu ‘te makkelijk’ weg. En dat in een Europa waarin weer zondebokken worden aangewezen en synagogen nog steeds bewaakt moeten worden.

Het was in 1949 dat de Hervormde Synode besloot in oktober de ‘Israëlzondag’ een liturgische plek te geven. Want men besefte terdege dat vele eeuwen anti-joodse en antisemitische prediking de geesten mede rijp gemaakt had voor de haat die het joodse volk trof. Eigenlijk zou zo’n Israëlzondag niet nodig moeten zijn, want goede liturgie (het zingen van de psalmen!) en verkondiging zou ons er steeds weer bij moeten bepalen dat Israël onze ‘oudste broer’ is. Als de apostel Paulus over onze verbondenheid met Israël spreekt, heeft hij het over het volk dat – ondanks ongeloof en verzet – niet door Hem is verstoten.

De Israëlzondag bepaalt mij bij de ongemakkelijke waarheid dat Israël en de Kerk kunnen bestaan dankzij Gods barmhartigheid. Want ook de Kerk heeft een geschiedenis – en een heden! – van onverdraagzaamheid en geweld. Het is om die reden dat ik mij, om ‘de heilige’ Willem Barnard te citeren, bijna van woede bij het scheren heb gesneden. Nu niet omdat men met de paasdatum wilde rommelen, maar omdat de vrijzinnige ‘Relivant’-theologen bepleiten de ‘onopgeefbare verbondenheid met Israël’ uit de kerkorde van de Protestantse Kerk te halen. ‘Mensen lezen het als onvoorwaardelijke solidariteit met de staat Israël en zijn politiek’, zegt ds. Offringa.
Nu leven er wel meer misverstanden onder ‘de mensen’, maar daarom hoef je domheid nog niet te belonen door je identiteit prijs te geven. Waarom zou je je verbondenheid met ‘Israël’ verbreken, omdat in het land met die naam Palestijnen onrecht lijden? Gelukkig zijn er in de staat Israël – en onder joden daarbuiten – velen die de politiek van premier Netanyahu afwijzen en bestrijden. Ja, zegt Offringa, ‘dat volk Israël is heel onduidelijk en wekt veel verwarring’.

Vraagje aan mijnheer Offringa: ‘Hoe verwarrend is de kerk waartoe hij behoort?’ ‘Laat de kerk zich maar verbinden aan een onopgeefbare strijd tegen antisemitisme en elke vorm van discriminatie.’ En dat moet de ‘kerk’ doen waarin homo’s op veel plaatsen van de maaltijd geweerd worden, waar predikanten het gedachtengoed van de PVV verdedigen? Kennelijk staat ‘Relivant’ een andere – betere kerk dan zij Israël beschouwt – voor ogen. Wat mij betreft danken we op 7 oktober de Eeuwige voor Zijn trouw. Israëlzondag is een goed medicijn tegen theologische verwarring.

Rob van Essen

Meer lezen?
Er is commotie ontstaan rond een opiniestuk van theoloog Jan Offringa, ‘De kerk kan prima zonder Israël-theologie’, en rond een interview dat hij gaf aan dagblad Trouw. Dat er reactie zou komen uit de hoek van overlegorgaan ‘joden en christenen’ (OJEC) was te verwachten. Maar ook als vrijzinnig predikant verbaas ik me over zijn stellingname, niet in politieke zin maar theologisch. Lees hier verder: opiniestuk Karl van Klaveren.

Deel dit artikel